22/03/12 om 13:34 - Bijgewerkt om 13:34

Di Rupo en Vanvelthoven: politici gaan voor in diepe rouw

Verdriet verbindt. Premier Elio Di Rupo en burgemeester Peter Vanvelthoven hebben het na het busongeval in Zwitserland goed gedaan als politicus. Dat blijft niet onopgemerkt.

Het is niet omdat sommige onderwerpen delicaat liggen dat ze niet mogen beschreven worden. Zoals het gegeven dat een aantal politici het 'goed', zo niet 'uitstekend' deed bij dat vreselijke busongeval met de kinderen van Heverlee en Lommel. En dat, hoewel dat nooit de bedoeling noch hun initiële wens was, zij er op één of andere manier politiek voordeel uit zullen halen. Op Limburgse schaal geldt dat wellicht voor Peter Vanvelthoven, in Vlaanderen zou dat het geval kunnen zijn voor Elio Di Rupo.

Zeker, er zullen diehard-tegenstanders van beide heren en/of hun partijen zijn. Voor wie elk optreden van een politicus en zeker van een socialist alleen maar ingegeven kan zijn door eigenliefde, zo niet eigenbelang. Dat zij dat maar zo: er is nu eenmaal niets als een 'ondergrens' voor wie laag wil gaan.

Het vertrekpunt is nochtans even simpel als bitter. Er gebeurt een vreselijk ongeval. Toevallig met Belgische kinderen, die toevallig in Leuven en Lommel wonen. Dus treedt de Belgische premier op, en de burgemeesters van Leuven en Lommel. Niet dat ze dat wilden of daarom vroegen, of daaruit politieke munt willen slaan. Omdat het moet.

En die eerste beslissingen worden snel en spontaan genomen. Toen Peter Vanvelthoven als burgemeester besliste om de getroffen ouders mee te vergezellen naar Melsbroek; was de omvang van de ramp nog niet gekend. De helft van die ouders leefde nog met 'de hoop der wanhoop', al groeide per kilometer het besef dat het wel eens zeer fout zou kunnen aflopen.

Vanvelthoven zat daarbij, en als het in zijn macht had gelegen om de kinderen te redden en zo een internationaal gecoverde en hoogst gemediatiseerde begrafenisplechtigheid in de Lommelse evenementenhal 'De Soeverein' te vermijden, hij had het gedaan.

Maar een politicus is God niet: hij ondergaat de drama's van het leven, en moet daar dan 'het beste' van maken. Hoe fout die woordenschat in de gegeven omstandigheden ook is, het is wel zo. En voor Di Rupo geldt hetzelfde. Wat hij kan doen, is 'marginaal': een eerste minister is bij drama's als dit zo veel machtelozer dan een reddingswerker, een urgentie-arts of een verpleegkundig team. Hij kan wat 'organisatorische randvoorwaarden' helpen in orde krijgen - repatriëring, officiële papieren - en vooral: hij kan medeleven betuigen.

Want ook dat is de zaak van een politicus in een uitvoerend mandaat: hij vertegenwoordigt 'de natie', de gemeenschap. Als hij voorgaat (of meegaat) in collectieve rouw, rouwt de gemeenschap, dus wij allen. Het is een even zichtbaar als delicaat optreden. Als de politicus het niét goed doet, heeft hij gefaald. En dat gaat van belangrijke fouten (een ongepaste toespraak, onbeleefd optreden) tot de kleinste details: als hij geen blijf weet met zijn lichaamstaal, als zijn medeleven de indruk wekt niet helemaal oprecht te zijn, als hij ofwel net een tikje te opdringerig is, ofwel net te afwezig. Het volk zal dat zien en noteren, en rekent de politicus erop af.

Dat gebeurt nu, dat gebeurde gisteren. Toen in augustus 1996 de lichamen van door Dutroux ontvoerde meisjes werden opgegraven, bleef premier Dehaene op vakantie, en kreeg ook koning Albert het politieke consigne om niét terug te reizen. Dat was een foute inschatting van wat leefde in het land. Minister van Justitie Stefaan De Clerck, een CVP-partijgenoot van Dehaene, is toen boven zichzelf uit gegroeid door simpel en eenvoudig een bezoek te brengen aan de ouders van Julie en Melissa. Het beeld van een minister die zijn auto achterlaat, en zich te voet aansluit bij de rouw: het tilde het morele gezag van De Clerck op.

Vanaf dat moment was hij de politieke ster van zijn partij. Op een CVP-congres in Gent kreeg hij een ovatie als was hij de aankomende premier, tijdens de verkiezingen nadien (de 'dioxine'-crisis) was hij de enige belangrijke CVP'er die géén afstraffing kreeg van de kiezer, waarna hij in een onderonsje met Jean-Luc Dehaene, Herman Van Rompuy en uittredend voorzitter Marc Van Peel werd aangesteld als de nieuwe nummer één van de CVP. Aan de basis daarvan lag dat ene, emotionele moment.

Trok De Clerck naar Grâce-Hollogne omdat hij verlekkerd was om zijn carrière vooruit te helpen? Neen. Al zullen er altijd cynici zijn die het tegengestelde beweren: neen. En toch hielp het hem. Het gaf hem moreel gezag.

Het gebeurt op de meest onverwachte momenten, het overkomt politici van links en rechts. Bart De Wever kweet zich uitstekend van zijn taak toen hij namens alle partijvoorzitters en onderhandelaars zijn medeleven uitsprak met het overlijden van de moeder van Johan Vande Lanotte. Deed hij dat omdat hij zich wilde profileren? Neen, omdat het als voorzitter van de grootste partij zijn verantwoordelijkheid was. En omdat, zoals later goed bleek uit dat mooie boek van journalist Jörgen Oosterwaal, er een wederzijds respect gegroeid was tussen de N-VA-voorzitter en de sp.a-politicus.

Soms zijn het dit soort eerder symbolische gestes die een politicus wezenlijk markeren. Het gebeurt zowel bij grote rampen als bij klein ongeluk, bij uitingen van privaat verdriet als bij duidelijke collectief bedoelde gestes. De Hasseltse burgemeester Hilde Claes bij Pukkelpop. Koning Boudewijn op bezoek bij het Payoke. De tranen van Bart De Wever op de begrafenis van Marie Rosel Morel. De excuses van Guy Verhofstadt in Kigali. Het gebeurt in binnen- en buitenland: Lady Di werd 'princess of the hearts' omdat ze zich spoedde naar waar er Afrikaans leed was, de Duitse bondskanselier Willy Brandt in Warschau zeeg neer op zijn knieën, en liet zo zijn land terug rechtop staan. En nogmaals, altijd en overal waren er critici die minnetjes deden, of sneerden: bij de tranen van De Wever in de Onze-Lieve-Vrouwenkathedraal, bij het optreden van Verhofstadt in Rwanda.

En dat 'overkomt' deze dagen Peter Vanvelthoven en Di Rupo. Hoe groot het politieke effect van het optreden van Vanvelthoven zal zijn, is nog niet duidelijk. Vanvelthoven werd destijds op haast vernederende wijze te min bevonden voor de job van Vlaams minister. Ongewild gaf zijn opvolgster Ingrid Lieten hem de fatale klap, toen ze vertelde dat ze door sp.a-voorzitter Gennez aangezocht werd om Vanvelthoven op te volgen, en dat Gennez haar daarbij duidelijk maakte dat zij hoe dan ook niet meer met Vanvelthoven verder wilde. Vanvelthoven trok zich als het ware terug in Lommel.

Af en toe liet hij nog eens zien dat hij niet zo slecht was als Gennez met haar oneindig politieke inschattingsvermogen had menen te moeten aangeven. Bijvoorbeeld toen hij op de tweede plaats bij de federale parlementsverkiezingen van 2010 een pak meer voorkeursstemmen haalde dan de Limburgse lijsttrekker, Ingrid Lieten. En zijn optreden deze dagen toont dat hij een politicus is die precies doet wat hij moet doen. Niet te veel, niet te weinig. Hij was discreet en toch zichtbaar, hij toonde medeleven maar hield zich ver van opgeklopt emotioneel gedoe. En het land keek naar Lommel en naar de bescheiden klasbak die daar burgemeester is.

Vlak voor het busdrama publiceerde De Morgen de resultaten van een peiling waarin bleek dat Elio Di Rupo de gemiddelde Vlaming niet aanspreekt. We hebben geen glazen bol, maar iets zegt ons dat twee weken later bij een nieuwe peiling die cijfers wel eens anders zouden kunnen liggen. En niet in het nadeel van Di Rupo. Hij had als eerste minister natuurlijk al de macht in het land. Wat hem in Vlaanderen ontbrak, was moreel gezag. Als zijn optredens hem ergens een bonus hebben opgeleverd, dan dààr. Elio Di Rupo was een beetje de Franstalige politicus die met een regering zonder Vlaamse meerderheid her en der aangevoeld werd als de leider van een politieke bezettingsmacht. Het busongeval leerde veel Vlamingen dan hij net als zijzelf ontroerd was en aangegrepen door het gebeuren. Verdriet verbindt. Omdat het ons samen ontroert.

Di Rupo en Vanvelthoven hebben het goed gedaan, en dat blijft niet onopgemerkt. Dat is an sich niet voldoende om uit te groeien tot een groot politicus, maar het is wel een essentiële voorwaarde. En die is de voorbije weken vervuld.

Onze partners