Hubert van Humbeeck
Hubert van Humbeeck
Commentator bij Knack
Opinie

31/10/11 om 12:09 - Bijgewerkt om 12:09

De waterscheiding voorbij

De historicus Paul Kennedy schetst een somber beeld van de toekomst: de rol van Europa in de wereld is uitgespeeld.

Paul Kennedy beschouwt Herfsttij der middeleeuwen als een klassiek meesterwerk. De Nederlandse historicus Johan Huizinga beschreef in dat boek in 1919 hoe de middeleeuwse beschaving aan het einde van de vijftiende eeuw langzaam verloren ging, te midden van praal en schitterende feesten. Er deed zich een breuk voor in de geschiedenis. De drukpers werd uitgevonden, Amerika werd ontdekt en het christendom brokkelde uit elkaar. Niemand die in 1480 leefde, zou de wereld in 1530 nog herkennen.

In zijn eigen The Rise and Fall of the Great Powers uit 1987 legde Kennedy uit hoe militaire en economische macht bij de opkomst en de ondergang van belangrijke staten onmiskenbaar met elkaar verbonden zijn. Als de militaire en strategische kosten op zeker ogenblik zwaarder wegen dan de economie, is de neergang onherroepelijk ingezet. Zo ging het sinds het jaar 1500 met elk land dat zich ooit een grootmacht mocht noemen. Kennedy gaf het verschijnsel ook een naam: imperial overstretch. Dat hij gelijk had, bleek twee, drie jaar na de publicatie van zijn boek met de val van het communisme en de Sovjet-Unie.

De Brit Kennedy doceert aan de beroemde universiteit van Yale in de Verenigde Staten. In een opiniebijdrage in de krant The International Herald Tribune legde hij vorige week uit dat er zich onder onze ogen weer een historische waterscheiding voordoet, zonder dat we daar erg in hebben. Hij meent dat te mogen afleiden uit het tegelijk optreden van vier fenomenen, die op het eerste gezicht weinig met elkaar te maken hebben.

Een eerste ingrijpende verandering heeft te maken met de erosie van de dollar. De Amerikaanse munt is zijn status van enige reservevaluta in de wereld kwijt. De immense overheidsschuld heeft het vertrouwen in de dollar overal ondergraven. Een tweede aanwijzing voor naderend onheil heeft te maken met het geknoei van de Europese Unie. Er bestaan Europese instellingen, maar de politieke wil ontbreekt om die echt leven in te blazen.

Terwijl Europa op die manier met zichzelf worstelt, heeft het geen oog voor de wapenwedloop in Azië, waar landen aan sterke strijdmachten bouwen. Dat doet niet alleen China, dat doen ook landen zoals Japan, India, Indonesië en zelfs Australië. Iedereen wil klaar zijn voor het moment dat Peking uitbreekt in de Stille Oceaan. Tegelijk blokkeert het cynische en berekende gebruik van het vetorecht de werking van de Veiligheidsraad van de VN. Het gaat China, Rusland en de VS niet meer om zoiets nobels als de wereldvrede, maar om de kleine belangen van een Syrische dictator of Joodse kolonisten op de Westelijke Jordaanoever.

Het baart Paul Kennedy grote zorgen dat de geschiedenis kantelt, terwijl Europa zich vrolijk twitterend en facebookend naar de Apple Store rept voor het nieuwste hebbeding. Zoals late middeleeuwers zich in het jaar 1500 rond het model van een nog sterkere handboog verdrongen. Azië schuift naar het centrum, terwijl Europa een plaats krijgt in de marge. Een dag nadat de bijdrage van Kennedy in de krant was verschenen, belde de Franse president Nicolas Sarkozy met zijn Chinese collega Hu Jintao, met het verzoek om meer te investeren in de Europese schuld. De Europeanen die in 1950 leefden, zouden zich niet in deze wereld herkennen.

Hubert van Humbeeck

Onze partners