Ludo Bekkers
Ludo Bekkers
Kunst- en fotografierecensent
Opinie

25/06/12 om 15:50 - Bijgewerkt om 15:50

De laatste ren van een kunstpaus

De hele kunstwereld wacht af hoe de toestand van Jan Hoet zal evolueren. Het is te hopen dat de kunstpaus vrede zal nemen met de gevolgen van zijn ren om het vliegtuig naar huis te nemen.

De laatste ren van een kunstpaus

© Belga

De 76-jarige Jan Hoet ligt voor de zoveelste keer in een ziekenhuis. Vorige opnames, hoe dringend en levensbedreigend die ook waren, heeft hij met zijn ontembare energie telkens overwonnen. Nu lijkt er op dat de fysieke schade die hem eens te meer velde moeilijk herstelbaar zal zijn. De "kunstpaus" lijkt geveld. En letterlijk de hele kunstwereld wacht af hoe zijn toestand zal evolueren.
Het woord "kunstpaus" dat men hem toe eigende was hier op zijn plaats. Zijn verklaringen, in woord en tekst, werden als onfeilbaar beluisterd en gelezen, maar anders dan het hoofd van de Roomse kerk, kon hij, in zeldzame momenten van objectieve reflectie, erkennen dat hij zich wel degelijk kon vergissen. Al stond zijn spontane enthousiasme zijn kritisch vermogen hem al eens in de weg. Maar hij was dan ook niet te beroerd om zijn oordelen te herzien al was soms de morele en mentale schade die hij bij sommige kunstenaars had aangericht niet helemaal herstelbaar.

Hij was wispelturig omdat hij zo enthousiast was maar net die drive heeft hem tot een algemeen aanvaarde sommiteit verheven in de internationale kunstwereld. Dat is geen kleine verdienste in een milieu van museumdirecteuren en curatoren waar discreet en beschaafd gestreden wordt om het predikaat primus inter pares te verdienen of te behalen. Jan Hoet heeft daar nooit voor gevochten want zijn realisaties waren zijn diploma's die algemeen gehonoreerd werden.

Vanaf zijn aantreden als directeur van het Museum van Hedendaagse Kunst in Gent, in 1975, heeft hij verbaasd. Hij wist als geen ander met beeldende kunst om te gaan, kon overtuigen, tot koningin Paola toe, om op een specifieke manier naar schilderijen, beelden en installaties te kijken en ze eventueel te doorgronden. Hij heeft ook, in een ver verleden, zelf geschilderd en wist dus uit de praktijk wat het betekent om gevoelens en gedachten in plastische vormen om te zetten.

Van Gent, toen een tamelijk provinciale stad, wist hij een centrum te maken waar de actuele kunst uit heel Europa een thuis vond. Heel wat kunstenaars met faam en glorie vonden het niet te min om in Gent bij Hoet tentoon te stellen omdat ze wisten dat in zijn museum de levende kunst op haar waarde werd geschat. Het autochtone publiek had het er moeilijk mee en toen Hoet al vroeg een werk van Joseph Beuys aankocht (Wirtschafswerte, 1980, oude metalen rekken met ingepakte voedingswaren uit de DDR) was het kot te klein. Tot in de gemeenteraaf werd er over geïnterpelleerd. Maar Hoets' intuïtie had hem niet bedrogen, het werk werd een icoon.

Met de aankoop van de installatie kreeg het museum er nog een aantal tekeningen van de kunstenaar bij. Te danken aan de uitstekende persoonlijke vriendschap tussen beide mannen die bleef duren tot het overlijden van de Duitse kunstenaar. Het werk is nu enkele miljoenen euro waard. En zo ging het ook met andere belangrijke kunstenaars waardoor Gent aan de spits kwam van de belangrijke musea voor actuele kunst.

Zijn reputatie groeide nog met spraakmakende tentoonstellingen zoals "Chambres d'Amis (1986) waarbij particulieren hun woning open stelden voor kunstwerken die soms geïntegreerd werden in het gebouw. Het verbaasde dan ook niet dat hij de leiding kreeg van de 9e Documenta in Kassel. Hij leefde er zich in uit met zijn doorgedreven rusteloze kracht en een eerste ziekenhuisopname belette niet dat deze editie een enorm succes kende. Tijdens de voorbereiding en ook na de opening was hij alomtegenwoordig omdat hij zich had omringd met drie assistenten die in de dezelfde richting keken. Daarna was zijn internationale reputatie voor goed gevestigd.

Letterlijk over de hele wereld werd hij uitgenodigd om exposities op te zetten of in jury's te zetelen. Na zijn pensionering werd hij künstlerischer direktor van het Martamuseum in Herford. Weer een provinciale stad die hij op de kunstkaart zette. Hij was nu aan het werken voor een biënnale in het Chinese hinterland (Yinchuan) met de steun van de omstreden Britse kunstenaar Damien Hirst.

Een aantal biografische boeken, letterlijk duizenden artikels in tijdschriften en dagbladen, het ridderschap, doctor Honoris Causa, vertrouweling van de koningin, visueel boegbeeld van publicitaire campagnes, "Eigenlijk snap ik iets van kunst" voor uitgeverij Ludions kunstbibliotheek en van de brouwerij Rodenbach, je zou voor minder naast je schoenen gaan lopen. Maar hij is tot vandaag zichzelf kunnen blijven. Vooral omdat hij zo sterk in zichzelf gelooft. Dat maakte hem soms onverdraaglijk in de sociale omgang maar altijd won hij door zijn bezetenheid. Een beetje gek misschien door de omgang met de "zottekens" die in Geel, ook bij hem thuis woonden.

Het is te hopen dat hij vrede zal nemen met de gevolgen van zijn ren om het vliegtuig naar huis te nemen.

Ludo Bekkers

Onze partners