15/11/12 om 10:24 - Bijgewerkt om 10:24

De ECB-truc en de eindeloos diepe Griekse europut

Luc Coene over de truc van de ECB en de situatie van Griekenland: moedige uitspraken die echter veel zeggen over de ernst van de situatie binnen de eurozone.

De ECB-truc en de eindeloos diepe Griekse europut

© Belga

Luc Coene, gouverneur van de Nationale Bank van België en vanuit die functie ook lid van de raad van bestuur van de Europese Centrale Bank (ECB), deed tijdens een interview aan de Universiteit Gent twee opmerkelijke uitspraken. De eerste uitsprak betreft de ECB zelf en de tweede handelt over de toestand van Griekenland.

Luc Coene stelde niet te weten met "welke truc de ECB deze keer de markten kan kalmeren" als er opnieuw spanningen zouden ontstaan. De oploop van rente op Spaans papier maakt Coene dienaangaande bezorgd. Met deze uitspraak erkent Coene dat het ECB-beleid onder leiding van president Mario Draghi voor een flink stuk op bluf ("truc") berust.

Eind juli verzekerde Draghi de markten alles te zullen doen wat nodig is om de continuïteit van de euro te verzekeren. Op 6 september ontvouwde Draghi het fameuze OMT-plan. OMT staat voor Outright Monetary Transactions, zijnde interventies vanwege de ECB op de secundaire markt van de overheidsobligaties. De interventies, zo benadrukte Draghi, zijn conditioneel: de ECB zal ze enkel ondernemen voor landen die zich strikt aan de sanerings- en herstructureringsafspraken houden. De onuitgesproken bedoeling van deze interventies bestaat erin de financieringskosten voor probleemlanden binnen de eurozone voldoende laag te houden.

Het hele OMT-set-up is inderdaad in hoge mate een truc om de markten te kalmeren. Het bluf-aspect blijkt uit minstens twee elementen. Ten eerste, het conditionaliteitsprincipe mist geloofwaardigheid. Stel, de ECB begint te interveniëren ten voordele van Spanje. Omwille van politieke, economische en eventueel andere redenen kan Spanje het afgesproken programma niet blijven volhouden. Als de ECB op dat moment stopt met interventies escaleert de crisis rond Spanje onmiddellijk. Het zal dus altijd zeer moeilijk zijn voor de ECB om de conditionaliteit van haar interventies ook hard te maken.

Ten tweede, het truc-aspect eigen aan de ECB-intenties hangt ook nauw samen met het feit dat zelfs grootschalige interventies vanwege de ECB absoluut niks bijdragen aan de belangrijke institutionele veranderingen die moeten doorgevoerd worden om de eurozone op een duurzaam traject te brengen. Dan gaat het over viervoudige unievorming, nl. politieke unie, bankenunie, budgettaire unie en competitiviteitsunie. Belangrijke stappen in de richting van deze unies werden gezet maar er blijft nog veel méér te doen dan tot nu toe in gang gezet werd. Bovendien speelt de ECB met haar OMT-intenties met vuur. Door aan de politici een periode van relatieve rust aan te bieden om de verdere unievorming daadkrachtig in handen te nemen, dreigt ze net het omgekeerde resultaat te bereiken. De realiteit van de voorbije jaren leert dat politici enkel onder zware druk tot ernstige handelingen komen. Neem de druk weg (en dat is wat de ECB-truc doet) en de lethargie zegeviert opnieuw.

De tweede opmerkelijke uitspraak van Luc Coene in Gent betrof de situatie van Griekenland. Verdere kwijtschelding van de oplopende Griekse schuldenberg is volgens de gouverneur van de Nationale Bank onvermijdelijk. Alhoewel hij daarmede lijnrecht ingaat tegen onder meer de visie van de Duitsers terzake, ziet Coene met die stellingname de realiteit onder ogen (ook het IMF zit trouwens op de kwijtscheldingsroute). Het gros van de Griekse schuld zit nu bij Europese instanties zoals onder meer de ECB.

Met een recessie die steeds maar verder uitdiept (het derde kwartaal van dit jaar was weer nog wat erger dan het tweede kwartaal) en een politieke elite die de zaken in Athene duidelijk niet meer onder controle heeft (zo ze dat ooit al gehad heeft ...), gaat het nu snel van nog kwader naar nog veel erger met het land. Binnen de troika (ECB, Europese Commissie, IMF) leeft, net zoals in de belangrijkste Europese hoofdsteden, zeer nadrukkelijk de vrees dat het land niet enkel economisch en financieel maar ook sociaal en maatschappelijk compleet de afgrond ingaat. Niemand gelooft de beloftes tot saneren en herstructureren van de Griekse regering. Vandaar de aarzeling om met het beloofde geld (31 miljard euro) vrij te geven en om over te gaan tot nieuwe gunstmaatregelen zoals bijvoorbeeld een uitstel van twee jaar voor de terugbetalingen.

Er kan maar weinig twijfel over bestaan dat Griekenland een schuldenberg die nu snel in de richting van 200% van het BBP aan het gaan is, niet aan kan. Luc Coene doet die vaststelling openlijk en dat verdient respect. Er bestaat in het kader van de eurocrisis al te veel wishful thinking en voodoo-geloof gevoed door beleidsmensen die het ofwel niet begrijpen ofwel niet meer weten van welk hout pijlen maken.

Tegelijk moet echter ook onder ogen gezien worden dat de (onvermijdelijke) schuldkwijtschelding voor Griekenland verregaande gevolgen kan hebben. Waarom zouden, bijvoorbeeld, Portugal en Ierland blijven zwoegen onder loodzware saneringsverplichtingen (en een scherpe recessie) als voor andere binnen de eurozone de kaart van schuldkwijtschelding wel kan getrokken worden?

Meer dan ooit blijkt ook vandaag weer dat een ernstige oplossing van de eurocrisis ingrijpende institutionele veranderingen aan het eurohuis vereist. De verantwoordelijkheid daarvoor ligt bij de politieke beleidsvoerders. Komen die er niet snel dan is het Griekse verhaal slechts een opwarmer voor wat de komende jaren nog aan euro-ellende gaan brengen.

Johan Van Overtveldt







Onze partners