Koen Meulenaere
Koen Meulenaere
Van 1991 tot 2012 de satiricus van Knack
Opinie

16/06/11 om 15:51 - Bijgewerkt om 15:51

Communie

Stel: uw kleinkind doet zijn eerste communie.

Zo kan men in geen enkele ander blad nog een artikel beginnen, maar in Knack wel. Veel lezers, én veel redacteurs, bevinden zich namelijk in een leeftijdscategorie waaraan de vreugde van kleinkinderen stilaan vergund is, en bovendien staan ze, hoewel zeer kritisch tegenover de leiding ervan, welwillend tegenover de basisgedachten van de katholieke gemeenschap en de soms wat archaïsche rituelen van haar erediensten. Die zijn in feite te belachelijk voor woorden, maar vergeleken bij de charades die in bijvoorbeeld logetempels worden opgevoerd, kunnen de christelijke vieringen er best mee door.

Dus: uw kleinkind doet zijn eerste communie. Uw zoon, de vader van de communicant, is apetrots, neemt foto's en filmt, heeft een hagelnieuw pak gekocht en zijn schoenen blinken als spiegels. Uw schoondochter straalt in verblindend wit. De hele familie is uitgenodigd, tot en met matanteke, die steeds meer uit kapsel en steeds minder uit vlees bestaat. Alle zussen, broers, ooms, neefjes, nichtjes, allemaal mee naar de kerk en daarna naar huis voor een copieuze maaltijd. Er is niet op een toastje meer of minder gekeken, en uw zoon ontkurkt gul de beste flessen uit zijn kelder.

U nu, gunt hem geen blik! U geeft hem geen hand, feliciteert hem niet met de feesteling, bedankt niet voor de uitnodiging, u gaat in de kerk ergens anders zitten, praat honderduit met iedereen maar met hem geen half woord, kortom: u doet alsof uw bloedeigen zoon niet bestaat. Wat voor een vader bent u dan?

Daar zullen de andere lezers van Knack niet lang over hoeven na te denken, geen mens die zich op enige vriendelijkheid of beleefdheid wil laten voorstaan doet wat hierboven staat beschreven. Koning Albert wel. De manier waarop die man met zijn kinderen omgaat, is voer voor een psychiater. Nog nooit betrapt op een gebaar van hartelijkheid of respect voor zijn oudste zoon, wiens carrière hij met grote hardnekkigheid blijft dwarsbomen. Zijn tweede dochter wil hij niet ontmoeten en hij ontzegt haar kinderen de kans om hun opa een keer te zien. Zijn jongste zoon heeft hij vlakaf de toegang tot het ouderlijk huis ontzegd. En als die jongste zoon dan een feest geeft, negeert hij hem compleet. Wat voor een fijne mens ben je dan? Zo vind je er geen vijf in het hele land. En dat is ons staatshoofd. Belichaamt de ziel van ons volk en onze natie. Kun je mee pronken hoor, in het buitenland.

Eresaluut aan Père Gilbert, de Johnny Halliday van de roomse kerk, die zijn preek begon met de woorden: 'De liefde tussen ouders en kinderen is heel belangrijk.' Die zat. Koning deed alsof hij het niet gehoord had. Mocht van geluk spreken dat het niet de door hem zo valselijk aanbeden Christus zelf was die op de preekstoel stond, of hij was de tempel uit geknuppeld.

Als je kijkt naar de moraliteit van de leiders van onze maatschappij - om te beginnen van de politieke en religieuze leiders, om de twee meest gemeenschapsgeld verslindende kasten eerst te noemen - zakt de moed je toch in de schoenen? Hetzelfde geldt voor de moraliteit van onze bankiers, van onze sportleiders, van sommige rechters en advocaten, en van de voorzitter en de secretaris van de persbond. Wat een land, wat een land.

Koen Meulenaere

Onze partners