Sprakeloos, de nieuwe roman van Tom Lanoye
woensdag 30 september 2009 om 12u00
Tom Lanoye heeft geen aardje naar zijn vaartje maar naar zijn moertje. In 'Sprakeloos' vertelt hij honderduit over zijn roots, zijn coming-out als homo en de aftakeling van zijn mama.
Tom Lanoye
27 augustus 1958: wordt geboren in Sint-Niklaas; jongste van vijf kinderen.
1982: Jamboree, eerste performance.
1983: Rozegeur en maneschijn, eerste kritieken en polemieken.
1985: Een slagerszoon met een brilletje, prozadebuut (verhalenbundel).
1988: Alles moet weg, eerste roman.
1989: De Canadese muur, eerste theaterstuk.
1997: Ten oorlog, theaterbewerking naar William Shakespeare.
1997-1999-2002: De monstertrilogie (Gouden Uil in 2003 voor Boze tongen, het derde deel van dit prozawerk).
2006: Het derde huwelijk (roman).
2008: Atropa (theaterbewerking naar Euripides).
Tom Lanoye - Sprakeloos
Uitgeverij: Prometheus, Amsterdam
Aantal pagina's: 360
Prijs: 19,95 euro
ISBN: 978-90-446-1107-6
Tom Lanoye komt op zaterdag naar Het Andere Boek om 18.00 uur in de Grote Zaal van het Zuiderpershuis in Antwerpen.

Sprakeloos, de nieuwe roman van Tom Lanoye
'Mag het iets meer zijn, madam?' Je hoort het nu soms nog in de beenhouwerszaak om de hoek en het was schering en inslag in de Sint-Niklase slagerij van de ouders van Tom Lanoye. De dagelijkse mantra van moeder Josée zou het motto kunnen zijn geweest van Sprakeloos , het nieuwste boek van Lanoye waarin hij vooral het verhaal wil vertellen van zijn drie jaar geleden gestorven moeder. Toen al vatte hij het plan op om een hommage voor haar te schrijven maar, aldus de zoon, hij moest wachten tot zijn vader vorig jaar overleed voordat hij er echt werk van kon maken.
In de eerste helft van Sprakeloos blijft Lanoye de karwei eindeloos voor zich uit schuiven. Hij vertelt 'het verhaal van het verhaal' en slaat daarbij uitgebreid mea culpa. Hoe komt het toch dat hij steeds maar alibi's verzon om niet te hoeven beginnen aan dat lang beloofde moederboek?
De tweede helft van Sprakeloos geeft het eloquente antwoord op die vraag: de neergang van zijn moeder na haar beroerte was zo schrijnend voor iemand die als amateuractrice - maar ook in het echte leven - van het woord en van het theater leefde dat de zoon het kwaad had om uitgerekend over dat sprakeloze schandaal te vertellen.
Zodra Lanoye na 162 bladzijden eindelijk werk maakt van dat verhaal, verveelt de lezer zich geen moment meer. De typetjes in zijn ouderlijk huis - van zijn West-Vlaamse grootvader van 150 kilo die als vieruurtje vier lamsruggen binnensloeg tot de buurmoeder en -dochter die hét met elkaar deden - worden met breugeliaanse zwier neergezet.
Geleidelijk aan durft ook Lanoye zelf zich te mengen in de kleurrijke mengelmoes van zijn jeugdherinneringen en staat er iets op het spel. De dood van een van zijn oudere broers ('de Lastigste') die zich met zijn Honda te pletter reed tegen een boom (en die ook al ter sprake kwam in Een slagerszoon met een brilletje ) is de prelude op het tragische en pakkende slot van Sprakeloos, waarin zijn moeder door sprakeloosheid en dementie wordt getroffen.
Ondertussen vertelt Lanoye onverbloemd hoe moeilijk zijn mama het had met zijn homoseksualiteit en hoe bits en agressief die coming-out wel verliep: 'Ik bén exact als zij, ik zeg om het even wat, om toch maar de bovenhand te krijgen.' Kortom, ten laatste hier wordt duidelijk waar de theatrale Lanoye de mosterd vandaan haalde: bij zijn moeder dus die 'barok tot in haar toastjes' was.
Daarmee is ook de vinger op de wonde gelegd. Lanoye laat het in dit boek te breed hangen en stelt het geduld van de lezer veel te lang op de proef, tot hij eindelijk to the point komt en het relaas van zijn jeugd en ouders serveert. Je moet al een grote fan van Lanoye zijn om een teaser van 162 bladzijden te kunnen appre-ciëren.
Lanoye verkondigt bij wijze van zelfverdediging dat hij een maximalist is die zweert bij de magie van een vuilniswagen 'die zijn scheefhangende laadbak leegt boven een bodemloze afgrond' en dat hij niet houdt van minimalistische, uitgepuurde kunst die volgens hem neerkomt op 'gemakzuchtig bedrog': 'Minder ís minder. En daarmee uit.' Wit is altijd schoon , de meesterlijke moederroman van Leo Pleysier, bewijst echter met grote vanzelfsprekendheid dat minder wel degelijk meer kan zijn.
Te veel is trop en trop is te veel, zoals die andere zelfstandige slager-populist besefte. En ook Lanoye zelf trouwens, zoals hij eerlijk toegeeft: 'Ik ben natuurlijk ook zelf een soort toneelspeler, een gemankeerde, een hopeloze divo zonder rem.' Op het podium werkt Lanoyes magie van de vuilniswagen meestal wel, maar in de romanliteratuur is schrijven maar al te vaak schrappen en durven te remmen.
Dat de jonge Lanoye als proza-auteur wel degelijk kon doseren, bleek trouwens uit zijn autobiografische pareltjes Een slagerszoon met een brilletje en Kartonnen dozen . Spijtig dat de oudere Lanoye daar blijkbaar anders over denkt.
Frank Hellemans
Recensies Jeugd
- Janne Teller - Niets
- Saci Lloyd - Dagboek van een klotejaar
- Evelien De Vlieger – De bovenkamer van Jakob
- Bart Moeyaert – De melkweg
Recensies Volwassenen
- Kunstzinnige essays van Marc Reugebrink en Hans Groenewegen
- Op reis naar ‘moeilijke’ landen met Jelle Brandt Corstius
- Poëziebloemlezing in zakformaat (Breukers & Hoorne)
- Joseph Goebbels: propagandabaas van Hitler
Blogs
-
‘Word je 10 keer afgewezen, stuur het dan toch nog maar een 11e keer op’

-
'Hoe slagen de meeste mensen erin te leven zonder te schrijven?'

-
Erik Vlaminck brengt Roger Van de Velde weer tot leven

-
'Mohammed is evenveel door God gezonden als Hercules of Romulus'

Reportage
- Frank Adam viert 20 jaar auteurschap met 2 premières
- Is David Troch te gelukkig om pakkende poëzie te schrijven?
- 'Wanneer de genocide ter sprake komt, stokt het gesprek'
- Een duivenkot op de prairie: Bobbejaan, cowboyschap als art de vivre






