Prijs van de Vlaamse Provincies (5): Eric Rinckhout over 'Grote Antwerpse Willem Elsschot Atlas'

16/08/11 om 20:26 - Bijgewerkt om 20:26

Zes genomineerden dingen mee naar de vernieuwde Literatuurprijs 2011 van de Vlaamse provincies. Knack Boekenburen zet elke dag één van hen in de spotlights: vandaag Eric Rinckhout voor Antwerpen.

Vanaf vrijdag 19 augustus kan iedereen op knack.be meestemmen voor de Publieksprijs Literatuurprijs Vlaamse provincies. Er zijn vijf boekenpakketten te winnen.

Prijs van de Vlaamse Provincies (5): Eric Rinckhout over 'Grote Antwerpse Willem Elsschot Atlas'

Dat 2010 een Elsschotjaar was, zullen we geweten hebben. Er was de overzichtstentoonstelling in het Letterenhuis en de vele grote en kleine Elsschot-evenementen in en rond Antwerpen. Wie dat wilde, kon via een uitgekiende stadswandeling de zwerftocht van Laarmans in 'Het Dwaallicht' nog eens overdoen. En dan was daar, na jarenlang wachten en uitstellen, toch de Elsschotbiografie van Vic van de Reijt.

In de marge van die waaier aan Elsschot-evenementen stelde De Morgen-journalist Eric Rinckhout zijn 'Grote Antwerpse Willem Elsschot Atlas' voor.

Deze Elsschot-atlas is méér dan een wandelgids voor Groenplaats, Meir en omstreken. De biografie van schrijver Willem Elsschot en zakenman Alfons De Ridder én de geschiedenis van de boomtown die Antwerpen eind 19e eeuw was, komen ruim aan bod, net als Elsschots flamingantisme voor en na de Eerste Wereldoorlog.

Rinckhout graaft diep in stads- en andere archieven en tekent zo een hypergedetailleerd beeld van het grotendeels nog Franstalige Antwerpen waarin De Ridder zaken deed, het Antwerpen dat doorsijpelde in het werk van Elsschot. "Gelukkig is het integrale Elsschot-archief intussen overgebracht naar het Letterenhuis, dat vergemakkelijkt het zoeken," zegt Rinckhout.

De 'Grote Antwerpse Willem Elsschot Atlas' is niet Rinckhouts eerste boek over Elsschot. In 2006 verscheen 'Dwaalspoor,' waarin de auteur aan de hand van 'Het Dwaallicht' de humanist Elsschot voor het voetlicht brengt. "Elsschot zit me al lang op de huid," zegt Rinckhout daarover. "Ik ben opgegroeid in het Antwerpse Sint-Andrieskwartier, de buurt waarin Elsschot 'Het Dwaallicht' situeert. Toen ik ontdekte dat dat piepkleine boekje zich in mijn buurt afspeelde, wilde ik meteen weten of het allemaal wel klopte."

Zoveel jaar later moet Rinckhout vaststellen dat er van Antwerpen zoals het er bij lag in Elsschots tijd, maar weinig meer overblijft. "In Antwerpen zijn naar mijn gevoel meer historische panden verdwenen dan in andere Belgische steden, met inbegrip van Brussel. Misschien omdat Antwerpen een stad van het kapitaal is? Wannes Van de Velde zei al dat de 'historische voetafdruk' van de stad uitgewist werd. Die melancholische sfeer zat ook al in 'Dwaalspoor.'"

Na al die jaren in het spoor van Elsschot voelt Rinckhout affiniteit met de schrijver. "Wie Elsschot was als mens, zullen we waarschijnlijk nooit helemaal weten; ook voor zijn familieleden is hij steeds een raadsel gebleven. Ik herken me wel in zijn dwarsliggerij; zijn mentaliteit van 'ni dieu ni maître' spreekt me wel aan. Hij kwam bovendien uit een vrijzinnig nest en was onze eerste moderne schrijver. Met de zakenman De Ridder, die over lijken ging, heb ik veel minder op."

Daar situeert Rinckhout ook het verschil tussen zijn Elsschotboek en de vuistdikke biografie van Vic van de Reijt. "Van de Reijt kiest resoluut voor een portret van Alfons De Ridder, terwijl ik me focuste op de schrijver. Waarom koesteren we anno 2011 immers nog zo'n interesse voor die man? Toch wel omwille van dat fantastische oeuvre!"

De Elsschot-atlas is intussen aan zijn tweede druk toe, maar nog is de Elsschot-microbe bij Rinckhout nog niet uitgewoed. "Je moet weten dat ik eigenlijk een boek plande rond de steden in het werk van Elsschot. Niet alleen Antwerpen, maar ook Parijs, Brussel, misschien ook het Kempense gehucht Blauberg. Om het boek nog tijdens het Elsschotjaar te kunnen voorstellen, heb ik me in de Elsschot-atlas voorlopig tot Antwerpen beperkt. Maar het Parijs van rond 1900 dat het decor vormt van Villa des Roses, dat in 1910 verscheen, biedt nog een massa mogelijkheden voor biografen."

Michiel Leen

Onze partners