Paul Jacobs - Een ijskoud gerecht

03/06/09 om 16:00 - Bijgewerkt om 15:59

Net als in zijn eerste thriller, De rode badkuip, kan Paul Jacobs in Een ijskoud gerecht geen maat houden.

Paul Jacobs - Een ijskoud gerecht
Uitgeverij: Houtekiet, Antwerpen 2009
Aantal pagina's: 360
ISBN: 978-90-892-4064-4

Paul Jacobs - Een ijskoud gerecht

Net als in zijn eerste thriller, De rode badkuip, kan Paul Jacobs in Een ijskoud gerecht geen maat houden.

Het is een erg sektarische roman geworden, met tal van inside jokes, soms hilarische satire, en soms flauwe sneren naar schrijvers en kunstenaars die met naam en toenaam te kijk staan. Het thema is: de eindafrekening.

Een gevierd Vlaams schrijver, om Hugo Claus niet te noemen (die wat dubbelzinnig in het boek voorkomt: als cameo, maar vooral onder de naam Charles Hofsteder), maakt een inventaris van zijn leven en de nog openstaande schulden tegenover hem. Hij weeft een ingenieus plan van aangepaste wraaknemingen op al wie hem bedonderd of vermaledijd, of nog erger, miskend heeft.

De karaktertekening van de gesublimeerde Claus is subliem. Maar zo sterk als de karakters zijn uitgetekend (op het zwakke hoofdpersonage Breens na), zo tintelend de warmte aanvoelt wanneer Jacobs lyrisch wordt over Zuid-Frankrijk en de visrestaurantjes, zo knudde is de plot en zo wrokkig zijn de prikjes naar mindere goden uit de letterkundige kringen. Het uitpluizen van Hofsteders bibliotheek geeft daar tot in den treure aanleiding toe.

Ik begrijp die melige spotternijen niet. Ze schieten hun doel voorbij. De plot zelf is jammerlijk doorzichtig, Jacobs offert de gebaldheid en de intrige op aan fragmentarische hoogstandjes. Hij overspeelt opnieuw zijn hand. De thriller is een sleutelroman met vileine trekjes geworden, hij balanceert te vaak in het schimmige moeras tussen Gangreen 1 en het scharreltje Pan zonder Fluit , de amechtige tirade van Rob Adriaenssens tegen Jef Geeraerts.

Jacobs moet kiezen: ofwel een genreroman schrijven, ofwel een bildungsroman, ofwel een regelrechte pastiche. Nu drijft het boek te veel op pittige flitsen, en op zeer gepaste (maar al te voorspelbare) wraaknemingen. Het boek houdt de beloftes in van een oester, maar na lectuur blijkt het halfbedorven.

En dat is jammer voor een man die van Dieppe houdt, waar ze de beste oesters geven op de pier en er uitstekende sancerre bij schenken. Doe ze nog eens vol, Paul.

Lukas De Vos

Onze partners