'Ontmaagding met literaire omranding is mij iets waard'

07/03/12 om 16:42 - Bijgewerkt om 16:42

In het nieuwste nummer van 'Zacht Lawijd' vertelt Els Snick over de vooroorlogse romance tussen een 20-jarige Brugse schone van adel en de 36-jarige wereldvermaarde auteur Joseph Roth.

'Ontmaagding met literaire omranding is mij iets waard'

'Ik ben een schoft, maar defloratie met een literaire omranding is mij iets waard.' Zo vertelde de Oostenrijkse auteur Joseph Roth (1894-1939) in een brief over de vurige nachten die hij in Antibes in 1931 sleet met de Brugse jonkvrouw Maria Gillès de Pélichy.

Roths boezemvriend Stefan Zweig had hem naar het Hôtel du Cap d'Antibes in het voorjaar 1931 uitgenodigd. Op zijn kosten mocht Roth er aan de Franse Rivièra komen uitwaaien én vooral werken aan zijn meesterwerk in wording: de roman 'De Radetzkymars' (1932). Roth moest dringend de eerste hoofdstukken afwerken en zag enkele weken in het mondaine Antibes wel zitten. Zeker als zijn vriend alles betaalde.

Roth was op dat moment 36, leefde op grote voet en spendeerde heel wat geld aan de verzorging van zijn zenuwzieke echtgenote Friedl Reichler. Toen hij de Vlaamse Maria ontmoette, was hij verrast over de gelijkenis met Friedl toen ze nog jong was. De jonge Maria, aldus Snick, viel voor de charmes en elegante manieren van Roth die op dat moment dweepte met de pose van oud-Oostenrijkse officier, inclusief lorgnet, zakhorloge en handkus.

Snick beschrijft de romance tussen het jonge blaadje en de oudere bok. Roth luisterde geamuseerd naar de verhalen van flapuit Maria die haar adellijke, katholieke familie tegenover haar oudere minnaar danig te kijk zette. Snick citeert sprekende passages uit de correspondentie die Roth daarover voerde met zijn afwezige vriend Zweig. Maria werd toen gechaperonneerd door de kapelaan Gaspard van Caloen, die ooit Guido Gezelle nog als huisleraar had gehad.

Na enkele weken was de lenteliefde uitgedoofd. Maria moest thuis gekoppeld worden aan een echte - en adellijke - echtgenoot terwijl Roth dringend zijn roman moest afwerken. Snick vertelt nog hoe deze pikante amour fou haar weg heeft gevonden in een novelle van Zweig die zich afspeelt in hetzelfde hotel ('Postfräuleingeschichte').

Snick, literaire vertaler en momenteel docente aan de Hogeschool Gent, promoveerde in 2011 op 'Joseph Roth en zijn bemiddelaars in de Lage Landen'. Bij uitgeverij Bas Lubberhuizen verschijnt binnenkort een populariserende versie van dit proefschrijft.

Frank Hellemans

Zacht Lawijd,maartnummer 2012

Lees meer over:

Onze partners