Met welke e-reader vertrek je op reis?

05/08/10 om 10:51 - Bijgewerkt om 10:51

Boeken wegen. In een koffer zijn ze zwaar als stenen. Voor diegenen die reizend lezen is de e-reader een zegen.

Met welke e-reader vertrek je op reis?

Dat geldt ook voor de iPad van Apple, die met zijn 680 gram een zwaargewicht is tegenover zijn concurrenten als Sony en Kindle, maar de iPad is dan ook een computer en sommigen weigeren gewoon om hem bij de e-readers onder te brengen. Hoe dan ook, op een iPad kun je boeken downloaden en comfortabel lezen, want de weergave (1024x768 pixels) op een scherm dat zo groot is als een A4'tje (24,6 cm) is briljant, zolang de zon er niet op schijnt. Als dat gebeurt, kun je de display nog lezen nauwelijks. De i-Pad heeft wel UMTS en WLAN, maar geen USB-aansluiting. Met zijn 32 GB-capaciteit kost hij een forse 599 euro. Na 10 uur gebruik valt hij plat, en dat is wel heel snel.

De Kindle DX is met zijn 340 euro een pak goedkoper en producent Amazon kondigt voor eind augustus een opvolger aan van amper 107 euro, zij het met een kleiner scherm van 15,2 cm, ook met WLAN-functie. De Kindle DX (4 GB) weegt 536 gram, heeft een scherm (24,6 cm) dat qua grootte voor de iPad niet onderdoet en is uitgerust met e-ink-technologie, wat een rustig beeld waarborgt. Deze Kindle (zes miljoen keer verkocht) is nog altijd een bestseller.

De Sony PRS 600 Reader Touch Edition (512 MB) is met zijn 280 gram een lichtgewicht, wat aan zijn kwaliteit geen afbreuk doet, wat hij is erg gebruiksvriendelijk: de e-ink-display wordt gecombineerd met een doeltreffend touchscreen-beeldscherm dat met de vingertop wordt bestuurd. Maar dat beeldscherm is helaas niet groot (15,2 cm) en de contrastwerking (spiegelingen!) laat te wensen over. Het apparaat biedt geen internetverbinding en kost 230 euro.

De Hanvon N526 is de lichtste e-reader (200 gram) in zijn soort. Ook de prijs (279 euro) valt mee. Het scherm (12,7 cm) van dit lichtgewicht met goed contrasterende zwart-wit ink-technologie is wel heel klein, maar met zijn capaciteit van 32 GB is dit apparaat een spurter. Er is helaas geen draadloze internet-toegang via WLAN of UMTS, maar je kunt met de stift wel notities maken.

In alle opzichten het interessantst is de Pocketbook 302, van Oekraïense makelij. Niet alleen omdat hij slechts 280 gram weegt en helemaal niet duur is (295 euro) voor wat je krijgt. Al is het geheugen niet groot (1 GB, maar met micro-SD-slot uitbreidbaar tot 65 GB) en het scherm eerder klein (15,2 cm), toch is dit onschuldig uitziende toestel een wonder van techniek: het heeft WLAN en Bluetooth en het beeldscherm kantelt automatisch in de hoogte of de breedte. Ook dit apparaat biedt het grote voordeel dat je via het touchscreen-beeldscherm handgeschreven notities kunt maken met de stift. Bovendien beschikt dit toestel over een RSS-feedfunctie, wat betekent dat je via de websites van kranten en tijdschriften altijd op de hoogte blijft van het laatste nieuws. Dat de zon erop schijnt, maakt het goed contrasterende beeldscherm niets uit. Pocketbook 302 beweert zelfs dat je er 16.000 keer kunt in bladeren (met of zonder lectuur van die bladzijden?) voor de accu leeg is. We hebben niet gecontroleerd of deze bewering klopt.

Slotsom: de tijd van de zware e-boeken is definitief voorbij. Maar het is niet simpel de snel evoluerende markt bij te benen. Inmiddels komt de trend van de kleurendisplays op gang. Om van een degelijke e-reader te kunnen spreken moet hij zeker aan twee voorwaarden voldoen: hij moet WLAN-waardig zijn en hij moet perfect op de instructies van de vingertoppen reageren. De tijd van de toetsen is voorbij. Je zou kunnen zeggen dat Apple voor dit alles met iPhone en iPad de norm heeft bepaald. Verwacht wordt dat het beeldscherm van de nieuwe e-reader-generaties oplicht, zodat je ook in het donker kunt lezen. Het klassieke e-ink-beeldscherm biedt die mogelijkheid niet. En nu moeten de 'downloadbare' boeken ook nog in het Nederlands voorradig zijn.

Piet de Moor

Lees meer over:

Onze partners