Lichamen van moordenaars 'In Cold Blood' opgegraven

20/12/12 om 11:22 - Bijgewerkt om 11:22

Richard Hickock en Perry Smith, die dankzij Truman Capote literair onsterfelijk werden, moordden op hun vlucht vermoedelijk ook een gezin in Florida uit.

Lichamen van moordenaars 'In Cold Blood' opgegraven

Dinsdag werden in Lansing, in de Amerikaanse staat Kansas, de lichamen opgegraven van Hickock en Smith, die in 1965 waren geëxecuteerd voor de moorden op Herbert en Bonnie Clutter en hun kinderen Nancy en Kenyon.

Capote deed in zijn true crime-roman verslag van de moordpartij en het daaropvolgende onderzoek, proces en de terechtstelling van de daders. Hij vertelde en analyseerde het verhaal van alle betrokken partijen. De kritiek op dit baanbrekende werk was niet onverdeeld positief, onder andere omwille van de choquerende, (zogezegd) ongefilterde weergave van de feiten en de vermeende sympathie van Capote voor de daders, met wie hij intensieve gesprekken voerde. Het boek werd desondanks - of juist dankzij - in een mum van tijd een klassieker.

Nu blijkt dat Hickock en Smith niet alleen verder leven in 'In Cold Blood', maar ook in het forensisch laboratorium, waar hun DNA wordt onderzocht. Op vraag van de Sarasota County sheriff uit Florida werden botfragmenten van de lichamen verzameld die aan DNA-analyse zullen worden onderworpen. De politie van Sarasota hoopt zo meer duidelijkheid te krijgen over de moord op Cliff en Christine Walker en hun twee kinderen op 19 december 1959, zo'n maand nadat Hickock en Smith de Clutters in Kansas hadden gedood.

Christine Walker werd toen verkracht en de verkrachters lieten sperma achter op haar ondergoed. Het DNA uit dat sperma zal nu worden vergeleken met het DNA uit de botfragmenten van de lichamen van Hickock en Smith. Zij waren toen belangrijke verdachten, maar er werden geen harde bewijzen tegen hen gevonden. Ten tijde van de brutale moord op de familie Walker waren de twee in ieder geval op de vlucht in Florida en wilden ze vermoedelijk hun vluchtauto verpatsen aan de Walkers.

Toen Hickock en Smith later werden gearresteerd in Las Vegas ontkenden ze enige betrokkenheid bij de Walker-zaak en doorstonden ze daarover een leugentest. Maar dat soort testen was toen weinig betrouwbaar. Resultaat: de zaak geraakte niet opgehelderd. Zeker nadat Hickock en Smith in 1965 werden opgehangen, leek het case closed voor de nabestaanden van de Walkers.

De voorbije decennia gaven de autoriteiten in Florida te kennen dat ze de zaak opnieuw wilden openen, maar pas nu, dankzij de vooruitgang van de forensische wetenschap, hebben zijn de middelen er om een doorbraak te forceren. Kyle Smith van de Kansas Bureau of Investigation, die de opgravingen leidde: "vandaag kunnen we met kleinere en meer vergane DNA-monsters toch tot een correcte vergelijking komen. Dat konden ze twintig jaar geleden ook proberen, waarbij ze misschien alle biologisch materiaal zouden hebben opgebruikt zonder resultaat."

Voor Smith is het belangrijkste "dat de familie Walker eindelijk weet wie de daders waren. Aangezien die dood zijn, zal er uiteraard geen proces meer kunnen komen." Maar misschien levert het wel een nieuwe true crime-roman op.

Jeroen Bert

Onze partners