Jan Haerynck trekt naar Raad van State in subsidiegeschil

30/10/09 om 14:00 - Bijgewerkt om 13:59

Bron: Knack

Jan Haerynck, biograaf van Jan Hoet, trekt naar de Raad van State. Hij is het totaal oneens met de uitleg die het Vlaams Fonds voor de Letteren (VFL) geeft op de weigering om hem een werkbeurs toe te kennen. Carlo Van Baelen, directeur van het VFL, reageert.

Jan Haerynck trekt naar Raad van State in subsidiegeschil

Jan Haerynck, biograaf van Jan Hoet, trekt naar de Raad van State. Hij is het totaal oneens met de uitleg die het Vlaams Fonds voor de Letteren (VFL) geeft op de weigering om hem een werkbeurs toe te kennen. Carlo Van Baelen, directeur van het VFL, reageert.

Haerynck die al te kennen gaf dat hij boos was omdat hij geen subsidie kreeg voor zijn geplande biografie over Jan Hoet, is zo mogelijk nog meer vertoornd. De toelichtingsbrief die hij kreeg bij zijn vraag tot motivering van de subsidieweigering doet voor hem de deur dicht.

Eerst wordt Haerynck aangewreven dat hij subsidie aanvraagt voor iemand die nog niet biografie-rijp is want nog steeds alive and kicking. 'Enkel biografieprojecten over personen die al overleden zijn of wier levenswerk grotendeels voltooid is, komen in aanmerking', aldus de argumentatie in de gewraakte brief. Haerynck: 'Is de carrière van Hoet die elke week drie keer nierdialyse ondergaat dan niet - excusez le mot - 'grotendeels voltooid'?'

Ook de gewraakte reisonkosten kan Haerynck bewijzen. En dat hij kritische distantie mist tot de gebiografeerde wil hij niet gezegd hebben: 'Denken ze misschien dat ik een heiligenleven wil maken? Natuurlijk ga ik ook praten met de vijanden en tegenstanders van Hoet.'

Carlo Van Baelen stipt in een telefonische reactie aan dat Haerynck zijn bezwaren nog in een mondeling gesprek kan ventileren. Elk jaar, zo Van Baelen, is er een tiental auteurs dat op die manier gehoord wil worden. In 30 procent van de gevallen leidt dit ook tot een of andere aanpassing van het subsidiedossier.

Of er ooit al een auteur na deze laatste beroepsinstantie zijn toevlucht heeft gezocht tot een procedure bij de Raad van State, zoals Haerynck nu beweert te gaan doen? Van Baelen herinnert eraan dat dergelijke beroepsprocedure nog maar twee jaar bestaat en dat Haerynck de eerste zou zijn om die aanhangig te maken. Maar Van Baelen voegt er fijntjes aan toe dat het Fonds niet te beroerd is om deze ultieme beroepsprocedure in de brief aan Haerynck zelf te signaleren en daarmee dus eigenlijk de munitie aanreikt die nu aanleiding geeft tot dit geschil.

Frank Hellemans











Onze partners