Internationale boekhandel in Oost-Jeruzalem moet sluiten

22/04/11 om 12:15 - Bijgewerkt om 12:15

De Israëlische autoriteiten willen de verblijfsvergunning van Munter Fahmi intrekken. Fahmi, een Palestijn, runt de enige internationale boekhandel in Oost-Jeruzalem.

Munther's Book Shop is een begrip in Oost-Jeruzalem. De boekhandel is gelegen in het opulente American Colony Hotel, dat zelf op een traditie van 120 jaar kan terugblikken. Tot de klanten van Munther Fahmi, een 57-jarige Palestijn die eigenaar van de boekhandel is, behoren Israëlische auteurs als David Grossman en Amos Oz, wier boeken daar even goed te krijgen zijn als het werk van de Palestijnse dichter Mahmud Darwisch. In Munther's Bookshop komen Tony Blair, Jimmy Carter en Kofi Annan over vloer. Munther's Book Shop is een plaats van internationale dialoog, waar Arabieren, Israëli's en prominente internationale gasten met elkaar in discussie gaan. Maar nu wordt de boekhandel van Munther Fahmi met sluiting bedreigd.

De Israëlische autoriteiten willen Munther Fahmi verbannen uit de stad waarin hij zestien jaar geleden zijn zaak opende. De advocaten van Fahmi, die de zaak van hun klant voor de hoogste Israëlische gerechtshoven bepleitten, hebben over de hele lijn verloren. Elke dag kan Fahmi een brief krijgen van de Israëlische minister van Binnenlandse Zaken die het einde van zijn verblijf in Jeruzalem en de sluiting van zijn boekhandel kan betekenen.

Een petitie voor Fahmi met 2600 handtekeningen heeft niets uitgehaald. Tot de ondertekenaars van de petitie behoren Ian McEwan, die dit jaar de 'Jerusalem Prize for literature' won, de historicus Eric Hobsbawn, en Simon Sebag Montefiore, wiens 'Jerusalem: The Biography' een bestseller in Israël is. Tegenover Reuters noemde David Grossman de houding van de Israëlische regering schandalig.

Munther Fahmi werd in 1954 Jeruzalem geboren. Daar leeft hij sinds de jaren negentig met een toeristenvisum. Als jongeman was hij in 1975 naar Amerika getrokken om daar te studeren. Hij trouwde er, stichtte een gezin en kreeg een Amerikaanse pas. Maar in 1995 keerde Fahmi naar Jeruzalem terug en opende er een internationale boekhandel. Hij verkeerde toen in de waan dat de ondertekening van de Oslo-akkoorden niet alleen vrede zou brengen, maar ook het fundament zou vormen voor een Palestijnse staat met Oost-Jeruzalem als hoofdstad. Jarenlang slaagde Fahmi erin om zijn toeristenvisum te vernieuwen, tot hij anderhalf jaar van de Israëlische autoriteiten het bericht kreeg dat ze die praktijk niet langer konden tolereren.

Volgens Israëlisch recht kan de verblijfsvergunning van Palestijnse inwoners in Jeruzalem ingetrokken worden als ze langer dan zeven jaar in het buitenland verblijven of als ze een andere nationaliteit aannemen. In 1967 veroverde het Israëlische leger de Arabische wijken van de stad. De Palestijnen die er woonden en die geen Israëlisch staatsburger wilden worden, moesten vrede nemen met een verblijfsvergunning die elk moment door Tel Aviv ingetrokken kan worden. Alleen al in 2008 verloren 4.500 Palestijnen hun verblijfsvergunning in Oost-Jeruzalem, aldus mevrouw Dalia Kerstein, directeur van Hamoked, een Israëlische mensenrechtenorganisatie. Kerstein noemt het Israëlisch beleid in Oost-Jeruzalem 'ethnic cleansing'. Ze zegt dat de Isräelische politiek ter zake indruist tegen de internationale wetgeving.

Het komt erop neer dat Munther Fahmi slechts een beperkt verblijfsrecht in Jeruzalem geniet, ook al is zijn familie er sinds generaties thuis. Omgekeerd hebben Joden uit de hele wereld het recht om zich in Israël en Jeruzalem te vestigen. Zowat 200.000 Joden vestigden zich in het Arabische gedeelte van Jeruzalem, terwijl 13.000 Palestijnen er sinds 1967 hun verblijfsvergunning verloren.

Zolang hij kan, blijft Maunter Fahmi debatten in de Pasja-zaal van het American Colony Hotel organiseren. Lang zal dat waarschijnlijk niet meer duren. Tenzij de Israëlische regering ingaat op zijn vraag om hem ook om humanitaire redenen te laten blijven waar hij is zodat hij er voor zijn bedlegerige moeder van 76 kan zorgen. De kans dat de Israëlische autoriteiten op zijn vraag ingaan is niet erg groot. De Israëlische minister van Binnenlandse Zaken Eli Yishai behoort immers tot de ultrarechtse Shas-partij.

Het degelijke Britse blad 'The Economist' denkt er het zijne over: 'Het hele geval werpt een schril licht op de onrechtvaardigheid van een systeem dat de leden van zijn stam toelaat om na 2000 jaar terug te keren, maar dat de leden van een andere stam, zelfs als ze er geboren zijn, verbiedt om na 20 jaar naar huis terug te keren.'

Piet de Moor

Lees meer over:

Onze partners