Benno Barnard
Benno Barnard
Lees hier de columns van de Nederlandse dichter en essayist Benno Barnard.
Opinie

19/05/10 om 09:58 - Bijgewerkt om 09:58

"Ik hou wel van die Pruik" (Benno Barnard)

Benno Barnard heeft een goed oog in liberaal 'Wig' Nick Clegg: "Hij spreekt vloeiend Nederlands, een voorwaarde voor een beetje Europees politicus."

"Ik hou wel van die Pruik" (Benno Barnard)

Het Verenigd Koninkrijk heeft dus een nieuwe regering en tot mijn grote opluchting maakt Labour daar geen deel van uit. Dat zeg ik om twee redenen. De eerste is dat de overheid zich als een monsterlijke gouvernante begon te gedragen, die zich permanent over de Britten heen boog en hun bestraffend toesprak over allerlei politiek-correcte onbenulligheid. De tweede is dat Labour bezig was met een kunstmatige verandering van de bevolkingssamenstelling: hoe meer immigratie, vooral uit de voormalige koloniën, hoe enthousiaster de socialisten de rechtse krachten met hun neus in de diversiteit konden wrijven (de onwelriekende beeldspraak komt van een voormalige regeringsmedewerker).

Dat heeft geleid tot een aanzienlijke verergering van een probleem dat Charles Dickens al beschrijft, maar dat de Britten sindsdien nooit afdoende hebben weten op te lossen. Het heeft een Duitse naam: Verelendung.

Het Verenigd Koninkrijk is het mooiste land ter wereld, maar nergens in West-Europa bestaan zulke stuitende verschillen tussen rijk en arm. En anders dan je zou denken, is de kloof de voorbije veertig jaar nog nooit zo groot geweest. Vooral de voorbije vijftien jaar zijn in dat opzicht extreem, de jaren onder Labour dus. De rijken zijn op het pornografische af rijker geworden, terwijl er steeds meer Britten onder de armoedegrens leven: in 2001 ging het om meer dan een op de vier gezinnen.

Maar in mijn collectie krantenknipsels treft ik deze snipper uit The Times van 12 mei 2006 aan: 'Vervlogen zijn de dagen toen gezinnen zuinig aan moesten doen om een nieuw broodrooster te kunnen kopen. Het lijkt erop dat we een natie van hedonistische verkwisters zijn geworden. Volgens een vandaag verschenen rapport heeft het onstilbare verlangen van de Britse consument naar luxegoederen vorig jaar geleid tot recorduitgaven ten bedrage van een triljoen pond sterling. Dat is een 1 met 18 nullen.' De Britse adel is een decadent zootje dat op zijn geld naar het verleden zit te staren, maar nog veel erger zijn de nieuwe rijken, die volgens mij samenvallen met het merendeel van die nullen.

In de moderne tijd - laten we zeggen sinds de Industriële Revolutie - is Engeland in sociaal opzicht altijd rampzalig geweest. De negentiende eeuw werd beheerst door het koningschap van Victoria, die over de gevoelige inborst van rijke mevrouwen beschikte: ze protesteerde bijvoorbeeld bij haar eerste minister Gladstone toen hij in 1873 een zogenaamde match tax wilde invoeren, die 'een groot aantal van de allerarmste mensen en kleine kinderen, vooral in Londen' zou treffen. Maar ze was niet in staat tot abstrahering: het kwam niet in haar op om zich in te zetten voor een campagne tegen de ellende waarin een groot aantal van haar onderdanen was gedompeld.

Eind negentiende eeuw raakte de arbeidersbeweging in een partij georganiseerd. Omstreeks 1930 had Labour de liberalen als regeringsalternatief voor de conservatieven verdrongen; sindsdien is Engeland tientallen jaren door socialisten geregeerd geweest. Maar verbazingwekkend genoeg zijn die er nooit in geslaagd de arbeidersklasse tot een behoorlijk peil van beschaving en welstand te verheffen. De huidige miserabelen hebben weliswaar meer geld, maar het aantal schoolverlaters en zwangere tieners is duizelingwekkend. De moderne Verelendung is sociaal maar bovenal moreel. Ook dat is mede de schuld van de socialisten: Labour vindt namelijk dat arbeiderskinderen op bijvoorbeeld seksueel gebied helemaal geen morele noties hoeven te hebben; dergelijke opvattingen zijn immers elitair en conservatief. Je zorgt gewoon voor een condoomautomaat op school. Bijgevolg is de sfeer op veel scholen er een van een ranzige permissiviteit.

De houding van Labour is misschien mede het gevolg van het districtenstelsel, waardoor een derde partij traditioneel nauwelijks een kans maakt. Labour en de Tories zijn tot een manicheïstisch gevecht tussen Goed en Kwaad gedoemd, min of meer zoals uitgebeeld in de sage van Harry Potter. Dat wakkert in beide partijen het extremisme aan.

Ik heb het dan ook al vele jaren betreurd dat de Wigs, de Pruiken, de liberalen dus, geen rol van betekenis meer speelden. Maar daar lijkt nu eindelijk verandering in te komen. De liberalen maken deel uit van de nieuwe regering en daarvoor hebben de conservatieven een diepe kniebuiging moeten maken: er komt een referendum over de hervorming van het kiesstelsel. Bovendien bevalt die Nick Clegg me. Ik hou wel van die Pruik. Hij spreekt vloeiend Nederlands, wat naar mijn smaak een voorwaarde is voor een beetje Europees politicus. En rond zijn denken hangt, anders dan bij Blair en Brown, tenminste niet een kleverige residu van allerlei kwalijke nonsens uit het jaar 1968.

Daar voeg ik aan toe dat je ook met liberalen moet uitkijken, want hun sociale opvattingen zijn niet per definitie erg verlicht. Gladstone met zijn match tax was tenslotte een liberaal. Interessant genoeg heeft een conservatieve premier, Benjamin Disraeli, voor de eerste sociale wetgeving gezorgd. Zo ook was het de conservatief Bismarck die de Pruisen en later de rest van de Duitsers een begin van sociale zekerheid bezorgde. Het is dus maar goed, misschien, dat de liberalen samen met de conservatieven regeren. Want het is een kwaadaardige linkse roddel dat rechts per definitie asociaal zou zijn.

Onze partners