Zowat 2.500 Belgische nazicollaborateurs krijgen nog altijd Duits pensioen

31/03/12 om 07:23 - Bijgewerkt om 07:23

(Belga) Duitsland betaalt nog altijd de pensioenen voor ongeveer 2.500 Belgische nazicollaborateurs. Dat staat zaterdag in De Morgen. De ontdekking werd gedaan door Alvin De Coninck, die onderzocht waarom de Duitse fiscus de pensioenen van Belgische oorlogsdwangarbeiders wil belasten.

Eind vorig jaar raakte bekend dat de Duitse fiscus zo'n 13.500 gewezen Belgische dwangarbeiders een belasting van 17 procent wil doen betalen op hun oorlogspensioen, met terugwerkende kracht vanaf 2005. Alvin De Coninck, zoon van een verzetsstrijder, begon daarop een onderzoek. Militairen in het naziregime ontvangen een pensioen voor hun dienstjaren in de oorlog, zo legt De Coninck nu uit. "Dat is ergens ook normaal. Maar ook buitenlanders die in dienst traden van het Duitse leger, zoals bijvoorbeeld Leon Degrelle, kregen een pensioen. Dat is ooit zo beslist door de administratie van Karl Dönitz", die de opvolger van Hitler was. In 2010 zag de Duitse regering zich genoodzaakt tot een besparingsprogramma en werd gekozen voor een belasting van 17 procent op oorlogspensioenen. De maatregel was volgens De Coninck niet tegen de dwangarbeiders gericht, wel tegen hun beulen. Maar in Duitsland gaat de federale staat over pensioenen en de deelstaten beslissen over belastingen. "De privacywet verhindert dat de ene dienst zicht krijgt op de bestanden van de andere", zegt De Coninck. "Alles zit in één pot, en men kan niet zien of iemand dwangarbeider is geweest, dan wel SS-bewaker in een concentratiekamp." Het geheel laat volgens hem zien dat in België niet alleen 13.500 dwangarbeiders een Duits pensioen krijgen, maar ook ongeveer 2.500 collaborateurs. (TIP)

Onze partners