'Zonder eigen bedrijven wordt Vlaanderen een vazalstaat'

27/11/13 om 06:37 - Bijgewerkt om 06:37

Ondernemer Luc Tack gelooft dat de industrie in ons land nog een toekomst heeft en investeert in weefmachinefabrikant Picanol en in Tessenderlo Chemie. Knack sprak met hem over verankering en het belang van de industrie van ons land.

'Zonder eigen bedrijven wordt Vlaanderen een vazalstaat'

Luc Tack © Tom Verbruggen

U investeerde in industriële bedrijven als Picanol en Tessenderlo Chemie. Waarom is het belangrijk dat bedrijven in Vlaanderen verankerd zijn?

Tack: Anders is het risico veel te groot dat die vestiging vroeg of laat gesloten wordt, met alle sociale drama's die dat meebrengt. Het is altijd al zo geweest: men sluit liever een fabriek ver weg in een ander land, dan een dicht bij het hoofdkantoor. Ik vind het dus cruciaal dat bedrijven in Vlaanderen verankerd zijn: ze moeten lokale aandeelhouders hebben, een lokaal management en het beslissingscentrum moet ook in Vlaanderen liggen. Dat is belangrijk voor het land, anders dreig je afhankelijk te worden van buitenlandse beslissingen en word je een vazalstaat.

En waarom is industrie zo belangrijk?

Tack: Hoe creëer je anders welvaart? Vroeger voer je de zee op, haalde je vis uit het water en verkocht je die. Of je zaaide iets op het land en verkocht de opbrengst. Maar nu moet het creëren van welvaart vooral komen van de maakindustrie: met grondstoffen vervaardig je nieuwe producten die je aan de man brengt. Volgens mij lukt die welvaartcreatie minder met het verlenen van diensten: als ik een dienst voor jou doe, bijvoorbeeld de ramen lap of een pakje bezorg, hebben we niet veel waarde gecreëerd. Bovendien bestaan veel diensten ook maar bij de gratie van de industrie. Neem Picanol in Ieper: hier werken nu 1350 mensen, maar we zorgen onrechtstreeks voor nog eens 500 jobs, waarvan heel wat in de dienstensector. Om welvaart te creëren is de maakindustrie vandaag dus cruciaal.

Volgens veel werkgevers wordt de maakindustrie het land uitgejaagd door de hoge loonkosten.

Tack: Dat hangt af van sector tot sector, maar bij Picanol maken de loonkosten zeker een groot deel uit van de kostprijs van het product. Een concreet voorbeeld: een stuk dat uit onze gieterij komt moet worden ontbraamd en beschilderd. Het bleek goedkoper om ze op een vrachtwagen te laden, er mee naar Duitsland te rijden, daar te laten ontbramen en schilderen, om ze dan terug naar België te brengen, dan dat we alles hier zouden doen. Als het hier veertig kost, kost het daar dartig. En met dezelfde technieken en hetzelfde resultaat. Dan moet je weten dat we op weg naar Duitsland met onze vrachtwagens passeren door gebieden waar twintig procent werkloosheid heerst. Dan klopt er toch iets niet?

Het volledige interview met Luc Tack leest u deze week in Knack. Neem nu een supervoordelig abonnement op Knack.

Lees meer over:

Onze partners