'Verstrenging voorwaardelijke vrijlating in strijd met grondwet'

10/09/12 om 17:31 - Bijgewerkt om 17:31

De verstrenging van de voorwaardelijke invrijheidstelling zoals die is voorgesteld door het kernkabinet, is in strijd met de grondwet en met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Dat zegt de Liga voor Mensenrechten.

'Verstrenging voorwaardelijke vrijlating in strijd met grondwet'

© Belga

Willekeurig

Volgens de liga maken de nieuwe regels de vrijheidsberoving willekeurig. "Na de wetswijziging zal het niet langer aan de rechter, maar aan de gevangenisdirectie en het openbaar ministerie toekomen om te beslissen over de detentieduur", luidt het in een persbericht. Dat is in strijd met het EVRM, dat bepaalt dat een "onafhankelijke en onpartijdige rechter moet beslissen over de wettigheid van de gevangenhouding en de invrijheidstelling".

De Liga voor Mensenrechten verwijst daarmee naar de beslissing van het kernkabinet dat de procedure voor wie een straf van 30 jaar of levenslang kreeg, pas van start kan gaan als zowel het openbaar ministerie als de gevangenisdirecteur een positief advies geeft.

Gevangeniscapaciteit

Daarnaast zullen diezelfde veroordeelden pas na de helft van hun straf in aanmerking komen voor voorwaardelijke invrijheidstelling (of pas na drie vierde van de straf bij recidive). Deze verstrenging "vergt op korte termijn een bijkomende en belangrijke gevangeniscapaciteit", aldus de Liga voor Mensenrechten. Dat gaat de draagkracht van de gevangenissen, die nu al overbevolkt zijn, ver te boven, luidt het. Het voorstel is daardoor in de praktijk niet haalbaar.

Roep van het volk
De liga stelt zich ook vragen bij de terugwerkende kracht van de verstrenging en verwijt het kernkabinet dat het "louter ingaat op de roep van het volk". "Op welke studies baseert de overheid zich om de concluderen dat langere straffen de maatschappij ten goede komen? ", luidt het. "Er is in dit geval geen sprake van 'evidence-based' beleid."

De Liga voor Mensenrechten dringt erop aan dat het voorstel niet in wet zou worden omgezet. Ze vraagt de wetgever om "de rechter in zijn eeuwenoude rol als behoeder van de rechtsstaat te ondersteunen en te herwaarderen". (Belga/KVDA)

Onze partners