Verdediging Francine De Tandt vecht geldigheid onderzoek aan

12/11/12 om 11:22 - Bijgewerkt om 11:22

(Belga) Voor de eerste kamer van het Brusselse hof van beroep is deze voormiddag het proces begonnen tegen Francine De Tandt, de voormalig voorzitster van de Brusselse rechtbank van koophandel. Zij wordt beschuldigd van valsheid in geschrifte, gebruik van valse stukken en schending van haar beroepsgeheim. Haar verdediging vecht echter de geldigheid van het hele onderzoek aan. Dat zou immers begonnen zijn toen een advocaat, meester J.S., zijn beroepsgeheim schond.

Verdediging Francine De Tandt vecht geldigheid onderzoek aan

Het onderzoek tegen Francine De Tandt begon toen toenmalig minister van Justitie Stefaan De Clerck in augustus 2009 een brief kreeg van de Brusselse federale gerechtelijke politie (FGP) waarin melding werd gemaakt van mogelijke corruptie in hoofde van De Tandt. Zij zou volgens de brief onder één hoedje spelen met advocaat Robert Peeters uit Overijse en voor hem vonnissen op bestelling maken. Die brief van de FGP was volgens de advocaat van Francine De Tandt, meester André De Becker, gebaseerd op twee verklaringen van meester J.S., een anonieme verklaring bij de FGP en een verklaring bij de Gentse raadsheer-onderzoeksrechter Henri Heimans, die op dat moment de lekken rond het Fortis-arrest van het Brusselse hof van beroep onderzocht. Meester J.S. was voordien advocaat geweest van meester Robert Peeters toen die in opspraak kwam in een vechtscheiding, waarin hij optrad voor de ex-echtgenote van een Leuvense groentengroothandelaar. Die groentegroothandelaar zou ook een goede vriend zijn van de intussen geschorste directeur van de Brusselse FGP, Glenn Audenaert. (BENOIT DOPPAGNE)

Onze partners