Miranda Van Eetvelde (N-VA)
Miranda Van Eetvelde (N-VA)
Vlaams parlementslid voor N-VA en voormalig arbeidsbemiddelaar bij de VDAB
Opinie

06/09/15 om 14:32 - Bijgewerkt op 04/09/15 om 16:26

'Vanaf 2016 krijgen gemeenten meer vrijheid om hun jeugdbeleid vorm te geven'

'Er leeft binnen de jeugdsector veel vrees voor de geplande hervormingen', schrijft Miranda Van Eetvelde. Ze betoogt dat de nieuwe manier van werken onder meer zal zorgen voor minder planlasten.

'Vanaf 2016 krijgen gemeenten meer vrijheid om hun jeugdbeleid vorm te geven'

© Scouts & Gidsen Vlaanderen

Het einde van de zomervakantie - niet enkel gaan de scholieren terug naar de schoolbanken, tevens keren de jeugdbewegingen terug van hun zomerkampen en gaan ze over tot hun 'reguliere' werking. rakwi's worden tito's; tito's worden keti's, en zo voort.

Voor het jeugdbeleid is 1 januari 2016 een belangrijk moment. Vanaf dan zullen de Vlaamse gemeenten veel meer vrijheid krijgen om hun jeugdbeleid vorm te geven. In concreto zullen de gemeenten deze middelen niet langer krijgen via de zogenaamde sectorale subsidies, maar rechtstreeks via het gemeentefonds en dus niet langer 'geoormerkt'.

Dat betekent dat de gemeenten meer bestedingsvrijheid krijgen. Er leeft evenwel in de jeugdsector een zekere vrees voor deze hervorming. Begrijpelijk. Sommigen vrezen dat de jeugdsector financieel zal moeten inboeten. We begrijpen de drempelvrees van de jeugdsector. Veranderingen gaan steevast gepaard met ongerustheid. Wij kunnen dan ook niet garanderen dat elk lokaal bestuur op hetzelfde niveau als nu zal blijven investeren in het lokale jeugdweefsel.

Delen

'Vanaf 2016 krijgen gemeenten meer vrijheid om hun jeugdbeleid vorm te geven'

Maar voor de doemdenkers ook twee belangrijke nuanceringen. Ten eerste is het zo dat de Vlaamse subsidies ter ondersteuning van het lokaal jeugdbeleid gemiddeld slechts ca. 20% is van wat een lokaal bestuur effectief investeert in het lokaal jeugdbeleid. Ten tweede geeft de grotere beleidsautonomie ook kansen en opportuniteiten aan de lokale besturen.

De logica hierachter is evenwel vrij eenvoudig en zowat het motto van deze Vlaamse regering: "vertrouwen geven". Lokale besturen staan zelf, in tegenstelling tot het Vlaamse bestuursniveau, veel dichter bij hun lokaal ingebedde jeugdbewegingen en voelen zelf veel beter aan wat er leeft. Helemaal niet onlogisch dus dat we hen meer ruimte geven om vorm te geven aan een sterk en duurzaam lokaal jeugdbeleid. En dat lokaal jeugdbeleid hoeft heus niet overal op dezelfde wijze ingekleurd te zijn. Wat prioriteit is voor gemeente X is dat niet noodzakelijk meteen voor gemeente Y, net zozeer kunnen de lokale behoeften van gemeente X en gemeente Y sterk verschillen.

Delen

'Carte blanche voor gemeentebesturen die geen zier geven om jeugdbeleid? Helemaal niet.'

Door deze beleidskeuze kunnen de gemeenten dus nog meer hun eigen klemtonen leggen in de uitbouw van het lokale beleid. Het biedt meer flexibiliteit om in te spelen op lokale behoeften en opportuniteiten. Carte blanche voor gemeentebesturen die geen zier geven om jeugdbeleid? Helemaal niet. Zij zullen in de toekomst nog steeds verantwoording moeten afleggen aan de lokale democratie - op het moment van verkiezingen maar ook de hele regeerperiode door. Een gemeente met visie zal immers sowieso haar burgers betrekken bij haar beleid. Het is dan aan de burger om in de stembus te beslissen of er goed werk werd geleverd. Adviesraden en andere inspraakorganen moeten daarbij ook voluit hun rol spelen. Bovendien zal de Vlaamse Regering de situatie ook monitoren.

Deze nieuwe manier van werken zorgt bovendien voor steeds minder planlasten en "administratitis". Tot spijt van sommige planfetisjisten misschien, voor wie het werk begint en eindigt met prima plannen en mooie rapporten.

De tijd die voorheen besteed werd aan het maken van gedetailleerde plannen en uitgebreide verantwoordingsnota's kan nu in de plaats aangewend worden om in de praktijk werk te maken van een lokaal jeugdbeleid.

Maar die wil moet er wel zijn. Met nog 4 maanden in het verschiet tot 1 januari 2016, richt ik me graag tot onze 308 burgemeesters en schepenen van jeugd. Opdat zij zich voorbereiden en klaar staan om de jeugdwerking in hun gemeente te blijven steunen, zoals voorheen, en waar nodig een tandje bij te stekken.

Maak werk van de planning en voorbereiding van deze hervorming. Onze jongeren verdienen namelijk de volle aandacht van onze lokale besturen.

Lees meer over:

Onze partners