'Tuiniers en groensector moeten strijd tegen invasieve exoten voortzetten'

03/05/13 om 12:36 - Bijgewerkt om 12:36

(Belga) Bijna 400 tuiniers en ruim 220 professionals uit de groensector ondertekenden een gedragscode om de introductie en verspreiding van invasieve (exotische) planten te beperken. "Hoe meer bloemen in de tuin, hoe mooier en beter voor vlinders, bijen en andere insecten en dus ook voor de natuur, wordt gezegd. Alleen blijkt dat laatste niet altijd te kloppen", aldus Roosmarijn Steeman (Natuurpunt).

'Tuiniers en groensector moeten strijd tegen invasieve exoten voortzetten'

Eetbare (uitheemse) soorten als aardpeer, Canadese kornoelje of Rimpelroos en insectenkroegen als Vlinderstruik en Reuzenberenklauw hebben één ding met elkaar gemeen: eens ze niet meer onder controle gehouden worden, nemen ze steeds grote oppervlakten in. De verwijdering kost veel geld, zeker voor grote soorten als Amerikaanse vogelkers of Japanse duizendknoop. Bovendien verspreiden invasieve waterplanten, zoals de waterteunisbloem of grote waternavel, zich nog sneller dan landplanten. In het kader van de campagne Alterias (Alternatieven voor invasieve planten), tekenden de beroepsverenigingen uit de groensector eind 2011 een gedragscode. Het initiatief werd ondertussen gevolgd door 113 groendiensten, 44 tuinaannemers, 39 plantenkwekers, 25 tuincentra, 21 landschapsarchitecten en 389 tuiniers. Natuurpunt roept nog meer tuiniers en tuincentra op om hun verantwoordelijkheid te nemen. "De eerste stap is tuiniers en plantenverkopers erop attent maken dat er wel degelijk een probleem is met bepaalde soorten en dat het af te raden is die te laten groeien in je tuin", aldus Roosmarijn Steeman (Natuurpunt). "Tuincentra moeten durven kiezen om voldoende inheems alternatieven aan te bieden." Een lijst met invasieve planten en alternatieven staat op alterias.be of waarnemingen.be/exoten. (Belga)

Onze partners