Vrije Tribune
Vrije Tribune
Knack.be geeft hier een forum aan columnisten en gastbloggers
Opinie

15/10/14 om 06:41 - Bijgewerkt op 13/10/14 om 15:57

'Tot 67 voor de klas: dement maar content.'

Een hogere pensioenleeftijd is ondoenbaar, onfatsoenlijk en onnodig, schrijft Marc Vandepitte. Hij gaat dieper in op de gevolgen van de nieuwe maatregel voor het onderwijs.

Het was een donderslag bij heldere hemel. Volledig in tegenspraak met wat ze beloofden voor de verkiezingen, trekken de vier onderhandelende partijen de pensioenleeftijd op van 65 naar 67.

Bij het onderwijspersoneel komt deze maatregel aan als een mokerslag. Twee jaar geleden werd het brugpensioen (TBS 58+) afgeschaft en werd de pensioenleeftijd met twee jaar opgetrokken. Dat kwam toen al neer op een feitelijke velenging van de carrière met vier jaar.

De mensen ondergingen die tsunami maar zagen dat eigenlijk niet zitten. Nu komt daar nog eens drie tot vier jaar bij. Voor ambtenaren tellen de studies niet langer mee in de berekening. Voor een master of licentiaat betekent dit dus vier jaar langer werken voor een volledig pensioen en drie jaar voor een bachelor of regent. Als klap op de vuurpijl zal men de pensioenuitkeringen zelf nog eens verlagen, met ongeveer 200 euro per maand.

Langer werken voor minder pensioen

Als je alle maatregelen van de afgelopen twee jaar op een rijtje zet, dan zal het onderwijspersoneel minstens 7 tot 8 jaar langer moeten werken om 10 tot 15 procent minder pensioen te ontvangen dan voorheen.

De geplande maatregel is ondoenbaar, onfatsoenlijk en onnodig.

Hij is om te beginnen ondoenbaar. Voorbij de 55 snakken onderwijsmensen ernaar om het kalmer aan te doen en om er dus geheel of gedeeltelijk mee te kappen. De uitzonderingen bevestigen de regel. Bijna iedereen die het zich in het verleden financieel kon permitteren, deed dat ook. Van de zestigplussers staat nog slechts tussen de vier en zes procent voor de klas, en dat is dan meestal uit pure noodzaak, omdat het financieel niet anders kan. Het is niet omdat we langer leven dat we langer fit zijn en over voldoende energie beschikken. De cijfers liegen er niet om. Tot voor twee jaar geleden was amper 30 procent van de leraren gezond aan het einde van zijn loopbaan. Nu komt daar nog eens zeven tot acht jaar bij... Leven we om te werken of werken we om te leven?

De reden is niet dat de onderwijsmensen niet graag les geven of massaal aan een burn-out zouden lijden. De reden is dat er vanaf een bepaalde leeftijd gewoon geen voldoende energie meer is om nog (voltijds) voor een klas te staan en alle overige taken erbij te nemen. Buitenstaanders beseffen dat vaak niet, maar anno 2012 voor een klas staan vergt veel, heel veel energie. Zoals je niet een beetje zwanger kan zijn, kan je ook niet 'een beetje' voor de klas staan. Je moet er honderd procent staan, elke seconde, anders wordt dat direct en genadeloos afgestraft door de leerlingen.

Vaak denkt men dat een job in het onderwijs een rustige en gemakkelijke job is. Je weet wel: een korte werkweek en veel vakantie. Maar, als dat zo zou zijn, waarom vindt men dan voor heel wat vakken geen leraars meer en dreigt er een tekort te ontstaan van tienduizenden leerkrachten? En waarom houdt één op drie starters in het onderwijs het al na een paar jaar voor bekeken?

Uiteraard is onderwijs niet de enige sector met een hoge werkdruk, waar het (voltijds) werken vanaf een bepaalde leeftijd niet meer verantwoord is. Onderwijs moet zeker geen uitzondering zijn. De redelijkheid en menselijkheid moet gewoon voor iedereen en dus voor elke sector gelden.

De maatregel is ook onfatsoenlijk. Er zijn momenteel 650.000 werklozen, vooral jongeren. Mensen langer laat werken gaat ten koste van de nieuwkomers op de arbeidsmarkt. Bij wijze van spreken pakken de vaders en moeders dan de jobs af van hun zonen en dochters. Het zou eerder omgekeerd moeten zijn. We belanden nu in een situatie waar de oudere werknemer ongezonder wordt en de jonge werknemer minder kansen krijgt op de arbeidsmarkt. Dat is absurd.

De maatregel is tenslotte onnodig. Men heeft ons jarenlang bestookt met het mantra dat de pensioenen niet betaalbaar zullen blijven als we niet langer werken. Het was een van de grootste propagandacampagnes op sociaal vlak van de afgelopen decennia. Met succes, de mensen zijn inderdaad gaan geloven dat we met zijn allen langer moeten gaan werken. Nochtans is daar niet de minste basis voor. De kost van de vergrijzing stijgt jaarlijks met 0,2%, terwijl de arbeidsproductiviteit jaarlijks volgens de OESO zal toenemen met meer dan 1%. Dat is dus meer dan voldoende om de vergrijzing op te vangen. Onze pensioenen zijn m.a.w. perfect betaalbaar als we daarvoor tenminste voor kiezen.

België moet het niet hebben van grondstoffen maar van brains

Het gaat hier om een gemakkelijke en botte besparingsmaatregel met belangrijke negatieve implicaties. België heeft geen grondstoffen en moet het vooral hebben van zijn brains om zich economisch waar te maken. Het is dan ook uitermate kortzichtig te beknibbelen op de onderwijssector die nu al sterk ondergefinancierd is. De huidige politieke klasse gaat gewillig mee in de neoliberale besparingswoede en mist moed en toekomstvisie. Ze zal vroeg of laat de rekening worden gepresenteerd.

Klimaatopwarming of niet, het wordt ongetwijfeld een hete winter.

(Marc Vandepitte is leerkracht in het secundair en hoger onderwijs.)

Lees meer over:

Onze partners