Toepassing co-ouderschap is verdubbeld tussen 2004 en 2010

26/02/13 om 07:37 - Bijgewerkt om 07:37

(Belga) De toepassing van co-ouderschap, waarbij kinderen evenveel tijd doorbrengen bij hun moeder als vader wanneer die gescheiden zijn, is sterk gestegen. Tussen 2004 en 2010 was er een verdubbeling, schrijft La Libre Belgique vandaag.

In 2006 werd in België de echtscheidingswet gewijzigd. Co-ouderschap bestond sinds 1995, maar vanaf de wetswijziging tien jaar later wordt er uitdrukkelijk gestreefd naar deze vorm van huisvesting voor de kinderen. Als moeder en vader geen vergelijk vinden over het verblijf van hun kroost, moet de rechter prioriteit geven aan co-ouderschap. De Brussels Liga voor Geestelijke Gezondheid boog zich over de vonnissen in het gerechtelijk arrondissement van Brussel en van Charleroi, voor de jaren 2004, 2007 en 2010. Uit het onderzoek blijkt dat co-ouderschap ruimschoots verdubbeld is. In 2004 werd het in slechts 10 procent van de gevallen toegepast, tegen 20 pct in 2010. De ouders zelf geven de voorkeur aan deze oplossing: in 28,4 pct van de gevallen scheiding met onderlinge toestemming wordt gekozen voor co-ouderschap. Dat is slechts de helft, als beide partners in conflict blijven en de rechter een regeling moet opleggen. Vooral in de eerste jaren van de wetswijziging (2004-2007) was er een toename van co-ouderschap. Sindsdien stabiliseert het aantal gevallen. Maar ondanks de forse toename van co-ouderschap kiezen de meeste gescheiden koppels (36,4 pct) nog steeds voor een regeling waarbij de kinderen één weekend op de twee bij de vader doorbrengen. Dit regime kreeg ook voor de wetswijziging al de voorkeur. (ANA)

Onze partners