'Terreuraanslagen legden meer informatie bloot over geldstromen terroristen'

26/12/16 om 16:00 - Bijgewerkt om 15:59

In 2015 steeg het aantal dossiers rond de financiering van terrorisme met 20 procent. Ook in 2016 zet die trend zich voort, dankzij de aanslagen in Brussel. De Cel voor Financiële Informatie wil nog meer samenwerken met andere instellingen, klinkt het.

'Terreuraanslagen legden meer informatie bloot over geldstromen terroristen'

Philippe De Koster, voorzitter van de Cel voor Financiële Informatie © BELGA

De Cel voor Financiële Informatie (CFI) heeft in 2015 bijna 20 procent meer dossiers behandeld dan in 2014. Dat blijkt uit het jaarverslag 2015 van de CFI, een onafhankelijke overheidsinstelling die informatie verwerkt en doormeldt met het oog op de bestrijding van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme.

De toename wordt verklaard door de terreuraanslagen van januari en november 2015. Vorig jaar kwamen er 75 nieuwe dossiers bij, tegenover 35 in 2014.

De eerste cijfers van 2016, die beïnvloed worden door de aanslagen van 22 maart in Brussel, bevestigen de trend van 2015. 'Om de criminele dreiging het hoofd te kunnen bieden, moet de CFI verdergaan in het versterken van de samenwerking met haar partners', concludeert CFI-voorzitter Philippe de Koster. 'Al is de finaliteit van de CFI in de eerste plaats gerechtelijk, dan nog sluit dit niet noodzakelijk andere doelstellingen uit. Specifiek in de strijd tegen terrorisme en de financiering ervan heeft de CFI alvast haar mogelijkheden voor gemeenschappelijke analyses met de Belgische inlichtingendiensten versterkt.'

Oplichting

'De analyse van de CFI leidde tot 3.646 gerechtelijke doormeldingen aan de lokale parketten en het federale parket, hetzij 992 nieuwe doormeldingen en 2.654 aanvullende doormeldingen van verdenkingen van witwassen en financiering van terrorisme voor een totaalbedrag van 1.064,13 miljoen euro', schrijft de Koster in zijn voorwoord bij het jaarverslag 2015.

Qua aantal doormeldingen was vermoedelijke oplichting (21 procent) nog steeds het belangrijkste onderliggend misdrijf van de doorgemelde witwasverrichtingen, gevolgd door georganiseerde misdaad (11 procent), terrorisme en financiering van terrorisme (11 procent), handel in clandestiene werkkrachten (10 procent), misbruik van vennootschapsgoederen (10 procent), illegale drughandel (9 procent) en faillissementsmisdrijven (6 procent).

Onze partners