Socialezekerheidsbijdrage voor huispersoneel vanaf 1 oktober

22/09/14 om 17:30 - Bijgewerkt om 17:30

Vanaf 1 oktober zal wie huispersoneel tewerkstelt voor huishoudelijke manuele taken, zoals poetsen, als een werkgever beschouwd worden en socialezekerheidsbijdragen moeten betalen. Dienstencheques en niet-manuele taken vallen niet onder de nieuwe regelgeving.

Socialezekerheidsbijdrage voor huispersoneel vanaf 1 oktober

© Thinkstock

Elke burger die huispersoneel tewerkstelt voor huishoudelijke prestaties van overwegend manuele aard, zoals bijvoorbeeld poetsen, strijken of tuinhulp, wordt vanaf 1 oktober als werkgever beschouwd en zal socialezekerheidsbijdragen moeten betalen. Die verplichting geldt ongeacht de omvang van de prestaties.

Sociale bescherming huispersoneel

Enkel occasionele activiteiten van niet-manuele aard ten behoeve van een huishouden zijn vrijgesteld van sociale bijdragen. Ook voor dienstencheques geldt de regelgeving niet, omdat die tewerkstelling via een derde gebeurt. Dat heeft de FOD Sociale Zekerheid gemeld.

Het doel van de wetgeving is "een gelijkaardige sociale bescherming voor huispersoneel als voor andere werknemers" verzekeren.

Wie huispersoneel tewerkstelt zal zich dus moeten inschrijven als werkgever bij de RSZ, met de Dimona-aangifte al het personeel moeten aangeven, de nodige sociale bijdragen aan de RSZ moeten storten en een arbeidsongevallenverzekering moeten afsluiten.

Babysitten niet aangeven

Niet-beroepsmatige prestaties van niet-manuele aard, zoals babysitten, oudere personen gezelschap houden, boodschappen doen en andere blijven vrijgesteld van die verplichtingen, als het huispersoneel maximaal acht uur per week presteert bij een of meer werkgevers samen.

De Belgische regelgeving wordt hiermee aangepast om in overeenstemming te zijn met de conventie in kwestie van de Internationale Arbeidsorganisatie. (Belga/WB)

Lees meer over:

Onze partners