Raad voor Journalistiek voert richtlijn in voor gebruik beeldmateriaal van sociale media

24/04/12 om 17:34 - Bijgewerkt om 17:34

(Belga) De Raad voor de Journalistiek heeft een nieuwe richtlijn uitgevaardigd voor het gebruik van informatie en beeldmateriaal afkomstig van persoonlijke websites of sociale netwerksites zoals Facebook. Aanleiding daarvoor was de discussie na de berichtgeving over de busramp in Sierre, zo is dinsdag vernomen van Flip Voets, ombudsman bij de Raad.

De richtlijn werd maandag goedgekeurd door de algemene vergadering en is opgenomen in de Journalistieke Code. Ze moet duidelijk maken wanneer een eventuele overname van foto's of informatie geoorloofd kan zijn. "Het feit dat iemand persoonlijke gegevens, informatie of beeldmateriaal op het internet of op een sociale netwerksite plaatst, zelfs als het om publiek toegankelijke pagina's gaat, betekent evenwel niet automatisch dat dit materiaal zonder meer mag worden overgenomen in andere media", zo luidt het. Overname zonder toestemming van herkenbaar beeldmateriaal kan volgens de raad enkel verantwoord worden als de berichtgeving een maatschappelijk belang heeft dat het recht van privacy overstijgt. De journalist moet dit kunnen aantonen. Voorts vraagt de Raad om bijzonder terughoudend te zijn bij het eventueel bekend maken van beelden of gegevens die de identificatie mogelijk maken van minderjarigen en van slachtoffers. Een journalist moet steeds nagaan wat de aard is van de site en van het (beeld)materiaal, wie het materiaal op de website heeft geplaatst en of de eigenaar de toegang tot de pagina's niet beperkt heeft. Bekende of publieke figuren moeten wel meer dan anderen aanvaarden dat privégegevens die door hen op het internet geplaatst werden en publiek toegankelijk zijn, openbaar gemaakt worden voor verslaggeving. (NAJ)

Onze partners