Ludo Bekkers
Ludo Bekkers
Kunst- en fotografierecensent
Opinie

23/09/15 om 14:41 - Bijgewerkt om 15:13

'Opvangtehuis voor (bijna) vergeten kunstenaars in Antwerpen'

In Antwerpen heeft het Maurice Verbaet Art Center (mvAc) een museum geopend over naoorlogse Belgische kunstenaars die uit de spots zijn verdwenen maar een duidelijke brug hebben gelegd naar latere evoluties.

In Los Angeles (VS) opende onlangs The Broad, een particulier museum, initiatief van de 82-jarige Eli Broad, een schatrijke ondernemer die, bijgestaan door zijn echtgenote Edythe al decennia lang moderne kunst verzamelde en die collectie nu onderbracht in een eigen museum. Het wordt een concurrent van het Los Angeles County Museum of Art (LACMA) en het stedelijk museum voor moderne kunst (MOCA) waarin Broad nochtans een belangrijke rol speelde als mecenas en bestuurslid.

Caroline en Maurice Verbaet

Caroline en Maurice Verbaet © GF

Alle vergelijkingen in acht genomen opende in Antwerpen het Maurice Verbaet Art Center (mvAc) een museum op initiatief van het verzamelaarsechtpaar Caroline en Maurice Verbaet. Zij zijn in België niet de enigen die dergelijke stap zetten. De Verbeke Fondation in Kemzeke, de Collection Vanmoerkerke in Oostende, de Herbert Foundation in Gent en nog een aantal andere stichtingen gingen het idee van Verbaet vooraf. Maar er is toch wel een duidelijk verschil. Hij begon al vrij jong te verzamelen, stap voor stap, en concentreerde zich op de Belgische kunst die nog betaalbaar was. Dat het een exemplarische collectie was kon men in 2012 nog zien toen ze (gedeeltelijk) getoond werd in het Museum van Elsene. Met meer dan 200 werken van hoge kwaliteit kreeg de toeschouwer een panorama te zien van het begin van de 20e eeuw tot het begin van de Tweede Wereldoorlog. Ondanks het grote succes (en misschien net daardoor) begonnen Maurice en Caroline Verbaet te overleggen hoe het nu verder moest. Dit denkproces leidde tot een radicale beslissing, de werken van voor 1940 zouden worden van de hand gedaan en de kompasnaald zou gericht worden op de Belgische kunst van de naoorlogse jaren. En die wordt gerepresenteerd door kunstenaars die uit de spots waren verdwenen maar een duidelijke brug hebben gelegd naar latere evoluties.

Oude gewaden afgelegd

Om dit concreet te maken heeft het mvAc een het museum opgericht en er ook een galerie aan toegevoegd waar actuele kunst zal getoond worden. Om het beeld volledig te maken heeft het mvAc zich gevestigd in de vroegere vestiging van de Antwerpse Waterwerken (AWW), een gebouw aan de Mechelse Steenweg, op een steenworp van de vroegere Nationale Bank, met zijn iconische en eclectische architectuur een tegenvoeter van de functionele bouwstijl uit de jaren zestig. Behalve het museumgedeelte en de galerie huist er ook een depot, een studieruimte voor aanstaande wetenschappers en een open dak waar later een beeldentuin een plaats moet vinden.

De opening van het museum werd een tentoonstelling met een klein deel van de verzameling en een aantal bruiklenen. Het was de bedoeling om aan te tonen welke diversiteit de beeldende kunst omvatte in de dertig jaren na de Tweede Wereldoorlog toen "de oude gewaden werden afgelegd" en de nieuwe strekkingen vanuit het buitenland hun invloed lieten gelden bij de jonge kunstenaars. De namen van deze kunstenaars zullen bij de jongere generaties nog weinig bellen doen rinkelen maar bij de tijdsgenoten heel wat herinneringen oproepen. Namen als Burssens, Mortier, Delahaut, Guiette, Tapta, Vandercam of Willequet zijn verre figuren die in hun evolutie getoond worden. Een evolutie die in de meeste gevallen kwalitatief tot een niveau steeg die een nieuwe kennismaking verdient. Al moeten we daar onmiddellijk aan toevoegen dat de meesten van deze kunstenaars vrijwel nooit de internationale scene hebben kunnen betreden.

Jef Verheyen kreeg wel aansluiting bij de Duitse ZERO groep en is tot op vandaag met zijn werk nog steeds in het buitenland aanwezig. Jan Burssens reisde naar New York waar hij het werk van Jackson Pollock leerde kennen wat resulteerde in een jarenlange invloed. Luc Peire vestigde zich in Parijs en werd er moeizaam erkend. Vic Gentils en Bert De Leeuw kregen een tijdlang onderdak bij de Zwitserse galerie Krugier maar dat spoor liep dood al moet gezegd worden dat Gentils iconische Schaakspel ontstond na een thematentoonstelling die de galerie in Parijs organiseerde.

Onder de kerktoren

Het is mischien wel typisch Vlaams dat de kunstenaars van deze generatie moeilijk vanonder de eigen kerktoren wisten te emigreren. En het is daarom positief dat nu een kans wordt geboden om een overzicht te krijgen van wat er zich in een periode van dertig jaar in de Belgische kunst ontwikkeld heeft. Het overzicht is uiteraard niet volledig en alle werken hebben niet altijd voldoende kwaliteit maar het blijft boeiend om te zien hoe, met vallen en opstaan, de toenmalige jongeren hebben getracht een plaats te veroveren na de generatie die hen vooraf ging en die nog volop in het expressionisme geloofde.

De collectie Verbaet bestaat uit honderden werken die zorgvuldig in een depot werden opgeslagen en die te gelegener tijd het huidige overzicht kunnen verruimen. Misschien is dat een gelegenheid om zij die figuratief bleven schilderen, tegen de abstracte stroom in, aan bod te laten komen zoals Pjeeroo Roobjee of Fred Bervoets. Ook zij hebben het tijdsbeeld toen mede bepaald.

mvAc, Antwerpen, Mechelse steenweg 64A. Van donderdag t/m zaterdag en de 1e zondag van iedere maand van 13 tot 18u. Entree 5 euro (studenten 1 euro)

Onze partners