Nederland - Handelaar in chemische producten moet gifgasslachtoffers van Saddam Hoessein vergoeden

24/04/13 om 13:08 - Bijgewerkt om 13:08

(Belga) De Nederlandse zakenman Frans van Anraat moet zestien slachtoffers van gifgasaanvallen in Irak en Iran in de jaren tachtig ieder 25.000 euro schadevergoeding betalen. Dat heeft de burgerlijke rechtbank in Den Haag woensdag bepaald.

Van Anraat werd eerder al veroordeeld tot 16,5 jaar celstraf omdat hij aan het regime van Saddam Hoessein de grondstof TDG leverde. Die produceerde daar mosterdgas mee, dat werd ingezet tijdens bombardementen op steden in Irak en Iran. Vier Irakezen en 13 slachtoffers uit Iran vroegen om een schadevergoeding. Wegens verjaring werd de schadevergoeding van één slachtoffer uit Irak afgewezen. Volgens de rechter moet Van Anraat al in 1984 hebben geweten dat zijn leveringen TDG werden gebruikt voor de productie van chemische wapens. Maar de zakenman, die zich tijdens de strafzaak grotendeels op zijn zwijgrecht heeft beroepen, vertelde dat hij daarbij dacht dat zijn leveringen gebruikt zouden worden voor textielproductie. Van Anraat kan nog in beroep gaan. De zakenman zit volgens zijn advocaat financieel volledig aan de grond en heeft helemaal geen geld om slachtoffers te betalen. Het regime van Saddam Hoessein zette in de jaren tachtig op grote schaal mosterdgas in tegen Koerden in het noorden van Irak. Duizenden burgers stierven of raakten zwaargewond. Veel van hen werden blijvend invalide. Ook in de oorlog tegen buurland Iran (1980-1988) werd gifgas ingezet. (Belga)

Onze partners