Ministerraad - Regering voert strijd tegen criminele vermogens op

21/12/12 om 17:11 - Bijgewerkt om 17:11

(Belga) De ministerraad heeft een wetsontwerp goedgekeurd dat de strijd tegen criminele vermogens opvoert. Zo zullen het parket en het Centraal Orgaan voor de Inbeslagname en Verbeurdverklaring (COIV) meer mogelijkheden - in de vorm van dwangmethoden - krijgen om na een veroordeling op zoek te gaan naar crimineel geld. Bovendien zal de bijkomende straf tot verbeurdverklaring voortaan pas na dertig jaar verjaren, ten opzichte van de huidige vijf jaar.

Wanneer een rechter iemand veroordeelt, kan hij beslissen als bijkomende straf een verbeurdverklaring op te leggen. De bevoegde ambtenaren van Financiën moeten die bedragen dan invorderen, maar beschikken niet altijd over de gepaste middelen. Ze kunnen wel een beroep doen op het COIV, maar ook dat heeft beperkte mogelijkheden. Zo kan het onvoldoende optreden tegen veroordeelden die zich onvermogend laten verklaren door roerende of onroerende eigendommen over te hevelen naar familieleden of vennootschappen die ze zelf hebben opgericht, of wanneer eigendommen worden overgebracht naar het buitenland. Het wetsontwerp van Justitieminister Annemie Turtelboom (Open Vld) voorziet daarom dat het openbaar ministerie ook dwangmethoden zal kunnen gebruiken om actief te zoeken naar activa van veroordeelden, in het kader van een strafuitvoeringsonderzoek (SUO). Die dwangmethoden zijn bijvoorbeeld observatie, telefoontap en huiszoekingen. Het SUO kan worden ingesteld van zodra de veroordeling tot een verbeurdverklaring definitief is tot aan de verjaring van de straf. Die verjaring zal niet meer na vijf jaar gebeuren, maar na dertig jaar. De wettekst voorziet ook dat bij de FOD Financiën gespecialiseerde ambtenaren zullen worden aangeduid voor de invordering van de verbeurdverklaarde bedragen en dat de strafrechter niet langer een verbeurdverklaring met uitstel van de tenuitvoerlegging kan uitspreken. (MVL)

Onze partners