Mijnenjagers brengen duizendste opgeviste oorlogsbom tot ontploffing in de Noordzee

23/08/12 om 17:18 - Bijgewerkt om 17:18

(Belga) Mijnenjagers van de Belgische en Nederlandse marine hebben op volle zee de duizendste overgebleven oorlogsbom tot ontploffing gebracht die sinds 2005 uit de Noordzee is opgevist. Ook nummer duizend-en-één moest eraan geloven. De explosieven - elk zo'n 360 kg - zijn restanten uit de twee wereldoorlogen.

De Tweede Wereldoorlog mag dan al ruim zestig jaar achter ons liggen, toch vinden vissers op de Noordzee jaarlijks nog heel wat mijnen in hun netten. Nadat in 2005 drie doden vielen toen een Amerikaanse vliegtuigbom tot ontploffing kwam aan dek van een vissersboot, besloten België en Nederland de handen in mekaar te slaan om samen de kustwateren te ruimen. Vandaag maakten beide marines de duizendste bom sinds de start van die "Beneficial Cooperation" onschadelijk. De klus werd geklaard door de Belgische mijnenjager Bellis en de Nederlandse Hr.Ms. Willemstad. Die laatste is momenteel ook actief in het NAVO-mijnenbestrijdingflottielje op de Noordzee, waar ook Belgische, Duitse, Noordse en Estse schepen deel van uitmaken. Het merendeel van de achtergebleven explosieven voor onze kusten is er achtergelaten door de geallieerden, die hun lading uit veiligheidsoverwegingen in zee dropten indien ze geen vijandelijke doelwitten in het vizier hadden gekregen. Voorts zijn er destijds ook hele mijnenvelden aangelegd, verduidelijkte kapitein Yvo Jaenen bij de opruiming op volle zee. De ontploffing vond plaats op zo'n twintig zeemijl buiten de haven Hoek van Holland in Nederland, op twintig meter diepte. Hoeveel vissen het leven lieten, is niet bekend. (KAV)

Onze partners