Koning Boudewijnstichting wil taboe over pensioen doorbreken

12/12/12 om 15:29 - Bijgewerkt om 15:29

(Belga) Twee op de drie Belgen praten niet over hun leven na het pensioen, en 62 procent bereidt het niet voor. Dat blijkt uit een enquête die de Koning Boudewijnstichting liet uitvoeren bij 1.000 Belgen tussen 40 en 75 jaar. Er rust ook een taboe op de "latere levensjaren": twee op de drie Belgen zeggen dat ze daarover niet praten. De stichting wil dit taboe doorbreken met de campagne "Vroeger nadenken over later".

Uit de bevraging blijkt dat slechts 34 procent van de Belgen ouder dan 40 jaar met zijn omgeving spreekt over het leven na de carrière. Van de 62 procent die hun leven na het pensioen niet voorbereiden, vindt ongeveer de helft het te vroeg, heeft een derde er nooit aan gedacht en wil 28 procent er niet over nadenken. 22 procent van de groep vindt het niet nuttig. Ziekte is het belangrijkste taboeonderwerp, naast de achteruitgang van fysieke en psychische vaardigheden en het levenseinde. Nochtans zijn bijna negen op de tien Belgen voorstander van een goede voorbereiding op de latere levensjaren. Daarmee wordt bedoeld: ervoor zorgen dat men genoeg inkomsten zal hebben, dat men gezond zal blijven en dat men voldoende vrijetijdsactiviteiten zal hebben. Voor twee op de drie betekent het ook dat men naaste familieleden en vrienden informeert over de keuzes voor de laatste levensjaren. Met de campagne "Vroeger nadenken over later" wil de Koning Boudewijnstichting een dialoog opzetten rond de verdere planning van de latere levensjaren en de verschillende verwachtingspatronen van de betrokken generaties beter in kaart brengen. (KAV)

Onze partners