Jongeren eerste slachtoffer van sputterende arbeidsmarkt

06/03/12 om 17:11 - Bijgewerkt om 17:11

In barre economische tijden zijn jongeren het eerste slachtoffer. Toch is jeugdwerkloosheid niet noodzakelijk de voorbode van een verloren generatie. 'Zolang het niet te lang duurt, hoeft jeugdwerkloosheid geen onoverkomelijk probleem te zijn.'

Jongeren eerste slachtoffer van sputterende arbeidsmarkt

© Jelle Vermeersch

De economische crisis, die Europa de voorbije jaren teistert, zorgt voor steeds grotere effecten op de arbeidsmarkt. De werkloosheidscijfers gaan drastisch de hoogte in. Vooral jongeren die hun eerste wankele stappen op de arbeidsmarkt zetten, zijn de dupe. Volgens de laatste cijfers, die dateren van december 2011, is meer dan een op de vijf jongeren in de Europese Unie werkloos.

Het totale jeugdwerkloosheidcijfer voor België blijft redelijk stabiel. Vooral in Vlaanderen nam de jeugdwerkloosheid fors toe. Volgens de laatste cijfers zit ongeveer 14 procent van de Vlaamse jongeren zonder werk. Toch vindt economieprofessor Luc Sels (KU Leuven) de Vlaamse cijfers niet alarmerend. 'De jeugdwerkloosheid ligt inderdaad hoog, maar in vergelijking met de algemene Europese trend valt het Vlaamse cijfer best nog mee', zegt Sels. 'Bovendien blijven die jongeren doorgaans ook niet lang zonder werk. Van de Vlaamse jongeren die één jaar na afstuderen nog werkloos waren, heeft slechts drie à vier procent in dat jaar helemaal niet gewerkt.'

Dat de jeugdwerkloosheid in barre economische tijden als vandaag stijgt, is een wetmatigheid. 'Wanneer het economisch minder gaat, zijn jongeren doorgaans het eerste slachtoffer op de arbeidsmarkt', zegt Sels. 'In tijden van crisis krijgen jongeren extra competitie van werknemers uit een oudere generatie, die elders ontslagen zijn. Daar valt voor jongeren moeilijk mee te concurreren, omdat de oudere generatie meer ervaring heeft. Werknemers hebben door het groter aantal kandidaten ook meer keuze, en gaan in crisistijden sneller voor ervaring kiezen.'

De maatschappelijke gevolgen van de stijgende jeugdwerkloosheid blijven vooralsnog binnen de perken. 'Zolang de werkloosheidsperiode niet te lang duurt, zijn er geen onoverkomelijke problemen', meent Sels. Werkloosheid is voor prille twintigers doorgaans minder problematisch dan voor dertigers. 'Als twintiger heb je doorgaans een groter sociaal netwerk waarop je kunt terugvallen. Een dertiger verliest naast zijn werk ook zijn beroepsidentiteit, en vaak ook zijn sociaal netwerk. Ook de financiële gevolgen zijn vaak veel groter voor dertigers. Het wordt pas een probleem wanneer jongeren te lang werkloos blijven. Dan dreigt de hele onderwijsinvestering verloren te gaan.' (JZ)

Onze partners