Vrije Tribune
Vrije Tribune
Hier geven we een forum aan columnisten en gastbloggers
Opinie

21/06/18 om 07:22 - Bijgewerkt om 07:23

'In een tijd waar waarden en normen relatief lijken, worden we toch geconfronteerd met morele grenzen'

'De morele crisis in de VS leidt tot een (her)ontdekking van het personalisme', schrijven Dries Deweer en Steven Van Hecke. 'Het is een actuele oproep aan elk van ons om na te denken over mens-zijn in de samenleving van vandaag en morgen.'

'In een tijd waar waarden en normen relatief lijken, worden we toch geconfronteerd met morele grenzen'

© Reuters

De beelden van grenswachters die kinderen scheiden van hun ouders en opsluiten in een kooi snijden door merg en been. Van verschillende kanten klinkt een luide schreeuw van verontwaardiging. In een tijd waar waarden en normen relatief lijken te zijn, worden we toch geconfronteerd met onmiskenbare morele grenzen. Hoe diepgaand we ook van elkaar mogen verschillen, er ontluikt een hernieuwd besef van gedeelde normen en waarden, een ontnuchtering die ons kan helpen om maatschappelijke prioriteiten terug op een rijtje te krijgen. Uitgerekend in de Verenigde Staten gaat dit gepaard met een opmerkelijke ontdekking van een bijzondere filosofie: het personalisme.

De filosofie die we nodig hebben

Enkele dagen geleden publiceerde David Brooks een opvallende column in de New York Times, onder de titel Personalism. The Philosophy We Need. Brooks, één van de zeldzame opiniemakers uit het Amerikaanse politieke centrum, beschrijft daarin hoe we meer en meer geneigd zijn om mensen te reduceren tot een oppervlakkig label. Het kapitalisme herleidt ons tot economische rekenmachines, de big data tot een serie van eentjes en nulletjes, de consumptiemaatschappij tot potentiële kopers van nutteloze brol en zinloos plezier.

In die context floreert ook een politiek discours dat mensen opsluit in hokjes, van 'social justice warriors' tot 'Trump voters', zoals Brooks het omschrijft, of van 'opengrenzenlobby' tot 'fascisten', zoals we bij ons horen weerklinken. Hetzelfde fenomeen stelt ons in staat om iemand louter als illegaal te bestempelen en te vergeten dat het ook om een vader of moeder gaat, die slechts een toekomst wil voor zijn of haar kroost.

Nochtans kunnen mensen niet gereduceerd worden, passen ze niet in hokjes. Dus, stelt Brooks, is het de perfecte tijd voor een revival van het personalisme, de filosofie die de unieke waardigheid van elke mens centraal stelt. Die waardigheid is niet iets dat je moet verdienen, of dat verdwijnt wanneer je een misstap begaat of afhankelijk bent van anderen. Het is een onherleidbare waardigheid die gewoonweg bij het mens-zijn hoort en die ons fundamenteel gelijkwaardig maakt, juist omdat we uniek zijn.

Delen

In een tijd waar waarden en normen relatief lijken, worden we toch geconfronteerd met morele grenzen.

De personalistische filosofie roept ons op om de ander steeds als mens te benaderen, en dus niet louter als een nummer, als een label. De immigrant is niet zomaar een immigrant, maar een mens, met een unieke persoonlijkheid, met kwaliteiten en gebreken, met angst en hoop. Ook de grenswachter is niet zomaar een grenswachter, maar een mens, die thuis zijn eigen kinderen in de ogen moet kunnen kijken. Het personalisme vraagt ons om te beseffen dat achter elke mens een complex verhaal schuilgaat.

De verantwoordelijkheid die daaruit volgt, is om luisterend en liefdevol in het leven te staan, om open te staan voor wie de ander is en om daardoor ook zelf als volwaardige persoon te leven. Dan is zelfontplooiing geen oefening in navelstaarderij, maar een cadeau aan de ander, zo schrijft Brooks, met verwijzing naar grote personalistische denkers als Nikolaj Berdjajev en Jacques Maritain.

Anders leven, anders samenleven

Brooks prijst het personalisme als filosofie die ons in een tijd van 'druk, druk, druk' toch weet op te roepen om moedwillig de tijd te nemen om er te zijn voor anderen. Hij ziet dat als een levensnoodzakelijke filosofie in het huidige tijdsgewricht, niet alleen als ankerpunt voor het persoonlijke leven, maar vooral ook als ankerpunt voor ons nadenken over de maatschappij. Personalisme verwerpt zowel collectivisme, waar we als individu ondergeschikt zijn aan het collectief, als individualisme, waar de verbondenheid tussen mensen van secundair belang is. Dat vraagt bijvoorbeeld om bedrijven die mensen niet beschouwen als radertjes in dienst van maximale winst of scholen die leerlingen als meer zien dan 'een brein op een stok', zoals Brooks het plastisch uitdrukt.

Een personalistische invalshoek op maatschappelijke instellingen is nieuw in de Verenigde Staten. In het verleden heeft de filosofie er nooit veel deining veroorzaakt. Bij ons is dat anders. Hoezo? De kans is groot dat u nog nooit van personalisme heeft gehoord. Nochtans bent u er ongetwijfeld al mee in aanraking gekomen. De personalistische mens- en maatschappijvisie is de inspiratiebron voor heel wat van onze maatschappelijke instellingen. De christendemocraten verwijzen ernaar als hun ideologische wortels, maar ook het katholiek onderwijs of Zorgnet-Icuro, de koepel van Vlaamse zorginstellingen, haalt er haar mosterd.

De morele crisis in de Verenigde Staten leert Amerikanen om de waarde van de personalistische filosofie te ontdekken. Laat dat ons stimuleren om ook hier die betekenis ten volle te herontdekken. Het is immers eigen aan de boodschap van het personalisme om steeds opnieuw uit te nodigen om te luisteren en kritisch na te denken. Wie zien we over het hoofd? Welk deel van iemands verhaal hebben we nog niet onder ogen gezien? Erkennen we in onze maatschappelijke instellingen waarlijk de unieke waardigheid van elke mens?

Als zelfverklaarde personalisten zijn christendemocraten het aan zichzelf verplicht om die vragen te stellen, en afdoende antwoorden te geven. Als het opiniestuk van David Brooks iets duidelijk maakt, dan is het echter dat het nadenken over de hedendaagse relevantie van het personalisme geen kwestie is van één politieke partij of één bepaalde strekking binnen het middenveld. Het is een actuele oproep aan elk van ons om na te denken over mens-zijn in de samenleving van vandaag en morgen.

Dries Deweer is filosoof (Tilburg University). Steven Van Hecke is politicoloog (KU Leuven). Samen publiceerden ze recent het boek De mens centraal. Essays over het personalisme vandaag en morgen (Pelckmans Pro 2017).

Onze partners