Hugo De Ridder: 'Het Arco-drama laat zich voelen tot de kleinste parochiekring'

29/05/12 om 15:02 - Bijgewerkt om 15:02

'Met het Dexia-geld werden alle christelijke verenigingen ondersteund en personeelsleden betaald. Dat is weg, zonder meer', zegt Hugo de Ridder.

Hugo De Ridder: 'Het Arco-drama laat zich voelen tot de kleinste parochiekring'

Hugo de Ridder, Brief aan mijn kleinkinderen. De overvraagde generatie, Lannoo, 264 blz. 19,99 euro.

Hugo de Ridder wordt 80: een actieve senior die opnieuw auteur is van een boek, zijn 22e al. Vanuit zijn eigen carrière, het politiek bedrijf zoals hij dat kende, de samenleving die hij zag evolueren, richt de oude maar immer scherpzinnige journalist de blik op morgen. 'De natuurlijke solidariteit zal onder zware druk komen te staan. De bedreigingen zijn te talrijk.'
U sluit uw boek af met een eerbetoon aan wijlen Jef Houthuys. Een ACV-voorzitter, maar volgens u ook 'een vakbondsleider die zich ontpopte tot een staatsman'.

Hugo de Ridder: Ik zeg dat met veel eerbied. Het is geen sneer, het is een herinnering aan een type man dat we nu nodig hebben. Iemand die de het algemeen belang vooropstelt, vóór de belangen van zijn achterban, zijn organisatie.

Probeer die boodschap vandaag aan het ACW over te brengen. Die organisatie is haar hele krediet aan het verspelen met het debacle van Dexia en Arco.

De Ridder: Toen ik Steven Vanackere (CD&V) op Rerum Novarum hoorde zeggen dat het huwelijk tussen de arbeidersbeweging en de beursgenoteerde haute finance een weinig gelukkige toekomst heeft ingeluid, was het alsof ik over het graf Hubert Detremmerie hoorde. Die heeft me in 1991 al woordelijk hetzelfde gezegd. Ik had een goed contact met Detremmerie. Ik bezocht hem af en toe in zijn molen in Brakel, waar hij na zijn pensioen was gaan wonen. Hij zei me heel formeel: 'Onder mijn voorzitterschap zou Bacob nooit ingelijfd zijn bij Dexia. Ik verdiende met mijn klein bankske jaarlijks 400 miljoen frank (10 miljoen euro) netto voor het ACW.'

Maar vervolgens waaide er een nieuwe wind door het ACW. De vrijgestelden werden vervangen door vakmensen zonder directe voeling met de geest en de basis van de christelijke arbeidersbeweging: de Dirk Bruneelsen en de Rik Bransons. In tien jaar tijd verkochten ze alles wat met veel inzet en solidariteit was opgebouwd: het reisbureau Ultramontes, de krant Het Volk, de drukkerij Sofadi, de Volksverzekering en de Bacob-bank, vakantiecentra als Hengelhoef en Zon en Zee, noem maar op. De opbrengsten hebben ze geparkeerd bij Arcofin en werden later omgezet in 250 miljoen Dexia-aandelen. Daarop is nu 2,5 miljard euro verlies geleden. Dat is het drama van het ACW. Dat voelen ze tot in de kleinste parochiekring. Want met dat Dexia-geld werden al die christelijke verenigingen ondersteund en de personeelsleden betaald. Dat is weg, zonder meer. En men kan daar cynisch om doen, maar nu moeten ze bedelen bij Belfius om die 10 miljoen euro die Bacob opbracht alsnog te recupereren. Ik lach daar niet mee. Het is ook geen chantage, maar waarheid: door het werk van die bodes en de coöperanten heeft het ACW aan Dexia 800.000 klanten aangebracht. En daarvoor wil het ACW nu een vergoeding, nu het echt alles kwijt is. Ik heb het nooit goed begrepen waarom het zo nodig al die 'sociale werken' van de hand moest doen. Het was wellicht de geest van de tijd, maar ik heb er altijd grote vraagtekens bij geplaatst. (WP)

Lees meer over:

Onze partners