Herman Matthijs (UGent, VUB)
Herman Matthijs (UGent, VUB)
Hoogleraar Openbare Financiën aan de UGent en de VUB en lid van de Hoge Raad Financiën
Opinie

20/06/14 om 12:31 - Bijgewerkt om 13:12

Hoe krijgt Vlaanderen zijn begroting in evenwicht?

De lang beproefde Vlaamse techniek van de kaasschaaf is voorbijgestreefd en getuigt ook niet van veel beleid, schrijft begrotingsexpert Herman Matthijs (VUB en UGent). 'Er moeten ingrijpende politieke keuzes worden gemaakt over het toekomstige Vlaanderen. Vraag is: stapt men graag in zo'n regering, of verkiest men de oppositie?'

Hoe krijgt Vlaanderen zijn begroting in evenwicht?

Liesbeth Homans, Ben Weyts, Geert Bourgeois, Bart De Wever (N-VA), Kris Peeters, Wouter Beke en Hilde Crevits (CD&V) © BELGA

Op 'super Sunday', 25 mei jongstleden, is het kiesvolk zijn stemmen gaan uitbrengen voor de 'grootmoeder aller verkiezingen'. Het houden van alle verkiezingen op één dag heeft meer nadelen dan voordelen. Inderdaad de formaties van de diverse regeringen worden dan aan elkander gekoppeld. Maar de PS maakte daar snel een einde aan door de Vlamingen in snelheid te pakken en er voor te zorgen dat zij ,als belangrijkste Franstalige partij, mee aan het stuur komt van de Duitstalige, de Brusselse, de Franstalige- en de Waalse regering. Daardoor is ook de droom doorprikt om de samenstellingen van al deze regeringen op elkaar af te stemmen. Dat laatste is de laatste jaren nooit het geval geweest en is ook de logica zelve in een federaal land.

De recente electorale campagne was zeer verwarrend door het feit dat de Europese, federale en deelstaatargumenten door elkaar werden gebruikt in de discussies. Bovendien is het ook logisch dat in een federale staat verkiezingen los van elkaar staan. Trouwens, de politieke, bestuurlijke en budgettaire invalshoeken ten aanzien van Europese , federale of deelstaatverkiezingen zijn verschillend.

Wat echter voor ieder geldt: elk bestuursniveau moet besparen en dus ook Vlaanderen. Maar de politieke realiteit leert ons dat het nu ook wel duidelijk is dat de Vlaamse regering sneller zal gevormd zijn dan de bestuursploeg voor het federale koninkrijk. De conclusie is dan ook dat de techniek van de samenvallende verkiezingen niet voor herhaling vatbaar is.

Uitdagingen

In het algemeen is de begrotingstoestand ook sterk gerelateerd met een aantal andere maatschappelijke en economische parameters, zoals o.a. de zeer beperkte economische groei.

Inderdaad, 1% BBP groei wordt tegenwoordig al verkocht als een succes. Om de welvaart te behouden, alsook de budgettaire tekorten en de schulden weg te werken, is wel veel meer nodig dan dat. Ook de te snel groeiende bevolking weegt op een herstel. De welvaart kan immers maar toenemen voor iedereen als de economische groei ruim groter is dan de demografische aangroei. Vlaanderen krijgt hier echter wel de mogelijkheid om met het kindergeld een beleid te voeren.

Tevens moet er ook worden gewezen op de nog bestaande financiële bancaire crisis. De terugbetaling van leningen door de banken aan de Vlaamse schatkist kunnen dan ook beter gebruikt worden om de schuld af te betalen.

Zesde staatshervorming

De zesde staatshervorming laat de Vlaamse middelen stijgen van zowat 27,5 miljard euro (2014) naar ongeveer 38,5 miljard euro (2015). Daarmee komen er wel middelen bij, doch we zijn nog ver af van de Copernicaanse institutionele omwenteling. Het publieke budgettaire zwaartepunt blijft federaal.

Maar de nieuwe bevoegdheden worden meestal maar voor 82,5% overgedragen. Het overgrote deel van de Vlaamse ontvangsten blijven dotaties, met als belangrijkste: delen van de BTW en de personenbelasting. De impact van die dotaties is zowat 31 miljard euro: 10,5 voor het Gewest en 20,5 miljard voor de Gemeenschap.

Langs de eigen fiscale middelen is de belangrijkste bron van ontvangsten de groep van Gewestelijke belastingen (5,5 miljard euro). Vlaanderen zal ook moeten bijdragen aan de pendelaars naar en voor het Brussels Gewest, de sanering van de federale openbare financiën, een responsabiliseringsbijdrage vanaf 2015 en een bijdrage aan de vergrijzingskost vanaf 2017.

De vraag: hoe begrotingsevenwicht in 2016?

De fundamentele vraag is hoe Vlaanderen zijn begroting in evenwicht gaat krijgen in 2016, want de doelstelling is er een van het behouden van dat evenwicht. Dit laatste is ook een Europese eis en de kans dat de Europese budgettaire toezichthouders uitstel gaan geven, is onbestaand.

Ruim 1,5 miljard euro moet er structureel gezocht te worden. Met de beproefde kaasschaafmethode zal men er niet geraken. De traditionele technieken, zoals de 'budget one shots' (bijvoorbeeld het verkopen van patrimonium), kunnen een oplossing zijn om de schuld af te bouwen. Maar er zal structureel moeten gezocht worden naar ontvangsten en zeker naar het inperken van de uitgaven.

Ontvangsten

Ten aanzien van de ontvangsten moet men rekening houden met de fiscale realiteit, namelijk het feit dat de fiscale druk (46%) in dit land al de mondiale zilveren medaille heeft en ook dat het overheidsbeslag (52%) veel te hoog ligt. Trouwens, als men in Vlaanderen zelf meer ontvangsten wil creëren, dan dient men de Gewestelijke taksen te verhogen. Maar in die groep van belastingen is juist de laatste jaren een vermindering doorgevoerd om ze rendabeler te maken.

Uitgaven

Dus resten de uitgaven om de begroting in evenwicht te brengen. Daar is zeker de rechtvaardige vraag te stellen naar meer middelen in sectoren zoals de verkeersinfrastructuur en scholengebouwen. Hier komen we op een oud zeer in de budgettaire politiek, namelijk dat er in het verleden te gemakkelijk is bespaard op investeringen. Het zou zeker niet slecht zijn om terug het oude onderscheid in te voeren tussen een gewone en een buitengewone begroting. Zodoende dat er een minimaal percentage van de uitgaven kan gerelateerd worden met die buitengewone investeringsbegroting.

Maar er moet momenteel bespaard worden in Vlaanderen. Bovendien moeten die besparingen snel gebeuren want de Europees begrotingsverplichtingen van 2016 naderen in een ongekende snelheid .

Waar kan concreet bespaard worden in de uitgaven? Er zullen taken moeten afgestoten worden, outsourcing behoort tot de mogelijkheden, een vermindering van het aantal departementen en zeker van het te groot aantal agentschappen, een doorgedreven administratieve vereenvoudiging van de vele Kafkaregels in Vlaanderen, de talrijke subsidies aan de sociale alsook de economische wereld , het kerntakendebat met de lokale besturen om de dubbele administraties eruit te halen, de fusies van gemeenten, de toekomst van de provincies, het te groot aantal richtingen in het onderwijs en vele anderen.

In feite moet de Vlaamse begroting van de eerste tot en met de laatste bladzijde bekeken worden. En daarbij moet telkens de vraag gesteld worden of de desbetreffende uitgaven van prioritaire orde zijn om een overheid adequaat te laten werken.

Conclusie

De lang beproefde techniek om al de diensten vijf procent te laten inleveren is voorbij en getuigt ook niet van veel beleid. Als men de overheid wil redden dan zal die slanker moeten worden - weliswaar met voldoende middelen om de resterende taken goed uit te voeren.

Dus de volgende jaren moeten er ingrijpende politieke keuzes worden gemaakt ten aanzien van het toekomstige Vlaanderen. Er moeten ingrijpende politieke keuzes worden gemaakt over het toekomstige Vlaanderen. Dat is nieuw. Vraag is dus: stapt men graag in zo'n regering, of verkiest men de oppositie?'

Lees meer over:

Onze partners