Marc Vandepitte (PVDA)
Marc Vandepitte (PVDA)
Auteur en leerkracht
Opinie

30/06/18 om 14:45 - Bijgewerkt om 21:44

'Het eindrapport van Crevits: een dikke buis'

'Je kent hem allemaal, de sympathieke, populaire leerkracht, graag gezien door zijn collega's, maar die er niets van bakt in de klas. Dat is zowat perfect van toepassing op de prestaties van minister Crevits', schrijft leerkracht Marc Vandepitte.

'Het eindrapport van Crevits: een dikke buis'

Hilde Crevits. © BelgaImage

Bij aanvang van de legislatuur waren de plannen van de onderwijsminister ambitieus: er zou een grote onderwijshervorming komen, de lerarenloopbaan zou aantrekkelijker worden om beroepsuitval te verminderen, leerlingen uit het bijzonder onderwijs zouden gemakkelijker in het reguliere onderwijs terechtkunnen, er zou een einde komen aan het kamperen voor de scholen, de achterstand in de scholenbouw zou verminderd worden, enzovoort.

Delen

Het eindrapport van Crevits: een dikke buis.

Van de grote dossiers is zo goed als niets gerealiseerd, integendeel, op een aantal vlakken boeren we zelfs achteruit.

Onderwijshervorming

Na heel lang gepalaver en onderhandelingen werd de onderwijshervorming, die de schotten tussen aso, tso en bso moest wegwerken, uiteindelijk een lege doos. Sterker, omdat aso-scholen volop inzetten op STEM (wetenschappen-technologie) zullen zij een deel van de theoretische sterkere leerlingen afsnoepen van de tso-richtingen.

Onderwijs zou een sociale lift moeten zijn, maar op dat vlak zijn wij zowat het slechtst van alle rijke landen. Nergens is afkomst zo'n goede voorspeller voor de schoolresultaten als bij ons. De onderwijskloof zal nu alleen maar verder toenemen. Dat is sociaal onaanvaardbaar maar het heeft ook een grote maatschappelijke en economische kost. Schooluitval leidt tot langdurig werkloosheid en verhoogd risicogedrag. De brains zijn de enige grondstof die ons land kent. De zwakke onderwijsscore bij de onderlaag vertaalt zich in lagere productiviteit en verspild talent.

De aantrekkelijkheid van de lerarenjob

Dit is een echt knelpunt. Een lerarenopleiding is voor jongeren meer een meer een tweede keuze en bij de starters kapt één op vier er al binnen de vijf jaar mee. Van alle beroepen zijn de leraars het meest vatbaar voor burn-out: 12 procent van de leraars loopt kans om opgebrand te geraken. Er dreigt voor de nabije toekomst een acuut lerarentekort en voor een toenemend aantal vakken vindt men gewoon geen gekwalificeerde leerkrachten meer. Ook vindt men vaak geen interimarissen meer bij langdurige afwezigheid.

Wat is het antwoord van de minister? Van het aangekondigde loopbaanpact is niets in huis gekomen. Maar veel erger, ondertussen werd de pensioenleeftijd met 5 tot 8 jaar opgeschoven en dreigen de toekomstig gepensioneerde leerkrachten 400 tot 600 euro per maand minder te krijgen. Minister Crevits heeft niets gedaan om dit te verhinderen of te compenseren op Vlaams niveau. Ze heeft er bovendien voor gezorgd dat leerkrachten die ziek worden in de twee weken vóór een verlofperiode niet meer vervangen worden, met alle miserie van dien. De aantrekkelijkheid van de lerarenjob die al dramatisch laag was, heeft er nog een dreun bijgekregen.

Inclusief onderwijs

Met het zogenaamde M-decreet zouden leerlingen uit het bijzonder onderwijs zoveel mogelijk in het gewoon onderwijs terechtkomen. Dat kon niet anders, het is een verplichting opgelegd door de VN.

Het decreet werd inderdaad uitgevoerd, maar dat gebeurde hals over kop en ronduit chaotisch. De verdeling van de bestaande middelen beantwoordt totaal niet aan de noden van de regio's of scholen. Sommige scholen krijgen in verhouding tot vier maal meer middelen dan andere scholen en die situatie zal nog drie schooljaren aanslepen.

Het ergst is echter dat het decreet werd doorgevoerd zonder extra middelen, en dan kan dat alleen maar voor problemen zorgen. In bepaalde richtingen was de werkdruk voor de leerkrachten al op het randje vanwege taalachterstand, schoolmoeheid bij leerlingen en een torenhoge papierberg. Nu komen daar nog eens zorgleerlingen en jongeren met karakterstoornissen bij. Dat maakt het lesgeven in die richtingen moeilijk tot quasi onmogelijk. Daar zijn niet alleen de reguliere leerlingen het slachtoffer van, ook de leerlingen die uit het bijzonder onderwijs kwamen hebben daar allesbehalve voordeel bij. Om nog maar te zwijgen van de werkdruk van de betreffende leerkrachten.

Enkele andere dossiers

De schande van kamperende ouders in de bittere kou moest en zou definitief tot het verleden behoren. Een centrale en elektronische aanmelding ging daarvoor zorgen en zou bovendien de sociale mix in de scholen bevorderen. Tevergeefs, de minister heeft niet voldoende kunnen wegen in dit dossier. Onder politieke druk is het afgevoerd.

De bouwachterstand in het onderwijs is niet min: tot voor kort was een vijfde van alle gebouwen praktisch onbruikbaar. Om die achterstand weg te werken is twee miljard euro nodig. De minister maakte amper 300 miljoen euro vrij en koos voluit voor een publiek-private samenwerking (PPS). Privéaannemers bouwen helaas niet voor de mooie ogen van de minister maar doen het enkel voor de winsten. En, vanuit hun monopoliepositie kunnen vastgoedreuzen hier inderdaad vette winsten rapen. Uiteraard draaien de scholen daar voor op. De projecten zijn peperduur waardoor de nieuwe gebouwen ofwel een lagere capaciteit hebben dan voorzien ofwel verschraald worden ingericht. Het hele project loopt ook vijf jaar vertraging op. Hierop antwoordde de minister door leerlingen in technische richtingen nog meer in te zetten om te helpen bouwen of renoveren. Op die manier doen de leerlingen meer praktijkervaring op en kunnen de scholen zelf de kosten wat drukken. Een mooi staaltje windowdressing.

Delen

Terwijl minister Crevits om de zoveel dagen uitpakt met een goednieuwsshow over nevenkwesties is ze er niet geslaagd om de fundamentele dossiers aan te pakken.

Een paradepaardje van de Vlaamse regering is Duaal Leren, dat is de combinatie van leren op school en leren op de werkplek. Prima idee als dit gebeurt in functie van de leerling. In werkelijkheid werd dit systeem ingericht in functie van het bedrijfsleven. De lat ligt zeer hoog waardoor weinig leerlingen in aanmerking komen. De pedagogische begeleiding vanop de werkvloer, nochtans essentieel voor het welslagen, is bedenkelijk. De bedrijven beschouwen deze leerlingen als goedkope werkkrachten en Duaal Leren als een voordelig systeem van headhunting. Al bij al wordt het watervalsysteem daardoor alleen maar versterkt. Sterkere leerlingen blijven in het voltijds onderwijs en de zwaksten zakken af naar het deeltijds onderwijs.

Goednieuwsshow

We kunnen zo nog een tijdje doorgaan, denk maar aan de verschraling van de eindtermen, de verhoging van het inschrijvingsgeld in het hoger en volwassenonderwijs, steeds minder middelen per student in die onderwijsvormen, de volledige onderfinanciering van het basisonderwijs, het uitblijven van de hervorming van de lerarenopleiding, ...

Terwijl minister Crevits om de zoveel dagen uitpakt met een goednieuwsshow over nevenkwesties is ze er niet geslaagd om de fundamentele dossiers aan te pakken. Crevits heeft wellicht de beste communicatiestrategie van heel de Vlaamse regering. Dat levert haar veel populariteit op bij brede publiek en is heel belangrijk ter voorbereiding van haar volgende politieke carrière. Maar dat staat in schril contrast met haar prestaties op de werkvloer. Bij de onderwijsactoren is haar populariteit in elk geval diep onder het nulpunt gedaald.

Voor het falen van deze minister worden verschillende oorzaken naar voor geschoven: het onderwijskabinet bevat te weinig expertise, de minister weigert samen te werken met de ambtenaren van haar departement omwille van een 'verkeerde' kleur, de ambities van de minister liggen elders, enzovoort.

Dat kan allemaal waar zijn, maar de hoofdreden is dat minister Crevits zich heeft laten gijzelen door haar coalitiepartners. Heel wat van de geplande onderwijsmaatregelen werden door hen gesaboteerd of uitgehold. In de politiek moeten er ongetwijfeld compromissen gesloten worden, maar er zijn grenzen.

Koken kost geld. De greep van de coalitiepartners gaat in de eerste plaats om geld. De laatste jaren gaat er in verhouding steeds minder geld naar onderwijs. Indien de Vlaamse regering vandaag aan onderwijs een even groot aandeel van het bruto regionaal product zou besteden als in 2010, dan zou het budget nu 539 miljoen euro groter zijn. Met dat bedrag had er al heel wat van de dossiers hierboven kunnen gerealiseerd worden. Ondertussen pronkt haar collega Weyts met zes miljard geplande investeringen in mobiliteit en beton.

Helaas mevrouw de minister, na rijp bereid van de delibererende klassenraad zullen we u een C-attest moeten geven, met advies een ander kabinet te kiezen en om in dat volgend kabinet u minder te laten leiden door uw klasgenoten en daarnaast voldoende middelen uit te trekken om uw huiswerk af te maken.

Lees meer over:

Onze partners