Liesbet Sommen (CD&V)
Liesbet Sommen (CD&V)
Directeur Sociale Zaken van vicepremier Kris Peeters (CD&V)
Opinie

11/09/15 om 06:51 - Bijgewerkt om 06:51

Hervorming pensioenen: 'Regering moet verder kijken dan financiële quick wins'

Maandag gaat de eerste zitting van het Nationaal Pensioencomité door. Wat dat zal geven, is momenteel nog koffiedik kijken, schrijft Liesbet Sommen (CD&V). Het eerste dossier, de bijzondere pensioenregeling voor zware beroepen, wordt een moeilijk te objectiveren debat. Het feit dat de discussies in dit Comité zich op een achtergrond van sociale verkiezingen zullen afspelen, zal de zoektocht naar compromissen niet makkelijker maken.

Hervorming pensioenen: 'Regering moet verder kijken dan financiële quick wins'

© iStock

Het federale regeerakkoord schreef de oprichting van een Nationaal Pensioencomité voor, dat systematisch de betaalbaarheid van het pensioenstelsel en het armoederisico van gepensioneerden zal opvolgen. In het Comité zal zogenaamd tripartite overlegd worden tussen federale -en deelstaatregeringen, vakbonden en werkgeversorganisaties. De pensioenhervormingen uit het regeerakkoord zullen er bediscussieerd worden.

De leden van het Comité zullen hierbij ondersteund worden door een Academische Raad met 12 professoren, voorgezeten door Frank Vandenbroucke. De Raad is min of meer een voortzetting van de Commissie Pensioenhervorming 2020-2040, wiens rapport de basis vormde voor het hoofdstuk pensioenen uit het regeerakkoord.

Komende maandag, 14 september, komt het Nationaal Pensioencomité voor het eerst echt samen, na de feestelijke openingszitting die door pensioenminister Daniel Bacquelaine nog voor de zomer werd georganiseerd.

Zware beroepen

In de sector van pensioentechnici kijkt iedereen momenteel wat naar iedereen, onzeker over wat het Comité juist met zich mee zal brengen. De uitdaging is immers niet min; alleen al het dossier van de zware beroepen, dat als eerste aan bod zal komen, wordt een enorme klus. De moeilijkheid zal zijn om af te bakenen: welk beroep wordt als zwaar aanzien en welk niet? Er wordt naar de Academische Raad gekeken voor kapstokken om het debat te objectiveren.

67 jaar

Een andere vraag is of het Nationaal Pensioencomité de door de regering verhoopte dynamiek zal krijgen, aangezien grote dossiers zoals de verhoging van de wettelijke pensioenleeftijd naar 67 jaar al beslist werden. Op 15 juni hielden 6000 vakbondsleden nog een manifestatie om hierover hun ongenoegen te uiten. Het is onduidelijk of de vakbonden deze hervorming in het Comité nog opnieuw op tafel zullen leggen.

In ieder geval werden enkel de thema's zware beroepen, deeltijds pensioen, aanpassingen van het pensioenstelsel aan nieuwe gezinsvormen en het puntensysteem door de regering op de agenda gezet. Er komt wel een informatieverslag over sociaal overleg dat reeds plaatsvond over de optrekking van de wettelijke pensioenleeftijd naar 67 jaar naar het Nationaal Pensioencomité.

Verkiezingen

De syndicale verkiezingen in mei 2016 zullen misschien een stuk van het onderhandelingsklimaat bepalen. De twee grootste vakbonden, het christelijke ACV en het socialistische ABVV, zullen bij die verkiezingen wedijveren om het grootste ledenaantal. Om de werknemers het best te vertegenwoordigen, zullen ze zich niet uit verband mogen laten spelen. Tegelijkertijd zullen ze zich misschien trachten te profileren ten opzichte van elkaar, wat compromisbereidheid kan beïnvloeden. En laat pensioenen nu net een thema zijn dat erg gevoelig ligt bij hun achterban.

Unaniem

Onvoorspelbaar is ook de manier waarop de regering rekening zal houden met de adviezen van het Nationaal Pensioencomité. De structuur en de procedures van het Comité zijn min of meer een kopie van deze van de Nationale Arbeidsraad, waarin enkel vakbonden en werkgevers zetelen, maar waar de bevoegde minister aanwezig kan zijn voor toelichting en debat. De NAR tracht zo veel mogelijk unanieme adviezen te over te maken aan de regering. Wanneer dit lukt, kan een regering de hierin opgenomen visie van de sociale partners als geheel moeilijker aan de kant schuiven.

Nu maakt de regering zelf deel uit van het overlegorgaan voor pensioenen, waardoor het onduidelijk is of er naar unanieme adviezen kan worden gegaan. De regering is bovendien gebonden aan een regeerakkoord en aan een vrij strikt budgettair kader. Toch kan het de bedoeling niet zijn om pensioenen te hervormen met als enig oogpunt financiële quick-wins. Hervormingen vragen soms tijd om op kruissnelheid te komen, overgangsperiodes blijven belangrijk om draagvlak te hebben.

Loyauteit

Als lid van het Nationaal Pensioencomité en als medewerker die in het team van voormalig coformateur Kris Peeters mee de pen vasthield van het hoofdstuk pensioenen uit het regeerakkoord, wil ik het sociaal overleg dat hier zal plaatsvinden alle kansen geven. Ik zal dat doen vanuit een loyauteit aan het regeerakkoord, maar ook aan het sociaal overleg. De fundamenten van de pensioenhervorming zullen overeind moeten blijven, maar het heeft enkel zin om ze door te voeren als ze een breed maatschappelijk draagvlak heeft. Betrokkenheid van de sociale partners kan dit laatste garanderen.

Lees meer over:

Onze partners