Gert Jan Geling
Gert Jan Geling
Kernlid van denktank Liberales en publicist.
Opinie

20/06/16 om 11:26 - Bijgewerkt om 14:24

'Hebben we moeite met het benoemen van extreemrechts terrorisme?'

'Wordt wie een aanslag pleegt vanuit radicaal-islamistische motieven sneller een terrorist genoemd dan wie een politieke moord pleeft vanuit extreemrechtse motieven', vraagt Gert Jan Geling van Liberales zich af.

'Hebben we moeite met het benoemen van extreemrechts terrorisme?'

© AFP

'Dood aan de verraders, vrijheid voor Groot-Brittannië' is wat Thomas Mair, de moordenaar van de Britse Labour-politica Jo Cox, schreeuwde toen hem in de rechtbank gevraagd werd naar zijn naam. Mair's antwoord kwam niet vanuit het niets. De man had duidelijk extreem-rechtse opvattingen. Hij identificeerde zich met het neo-nazistisch gedachtegoed, was geaffilieerd met neo-nazi en pro-Apartheid groepen en is te zien op foto's waarop hij de Hitlergroet brengt. Ondanks zijn overduidelijke politieke voorkeuren in combinatie met het feit dat hij een prominente Britse politica vermoordde vlak voor het Brexit-referendum, werd Mair niet door de media en politiek direct tot een extreemrechtse terrorist bestempelt. Dat wekte hier en daar wrevel op.

Delen

'Hebben we moeite met het benoemen van extreemrechts terrorisme?'

De politiek en media, zo stelden sommigen, hebben geen moeite om iemand die een politieke moord of aanslag pleegt vanuit radicaal-islamistische motieven terrorist te noemen, maar falen erin dit te doen wanneer iemand een politieke moord of aanslag pleegt vanuit extreemrechtse motieven. De vraag is of deze stemmen gelijk hebben. Hebben wij moeite met het benoemen van extreemrechts terrorisme?

Terug naar Thomas Mair. Getuigen verklaarden dat hij 'Britain First' riep op het moment dat hij Jox Cox vermoordde. 'Britain First' is de naam van een Britse, extreemrechtse, politieke partij, die echter ontkende banden met Mair te hebben. Dit gegeven, in combinatie met zijn extreem-rechtse denkbeeld en affiliaties en wat hij in de rechtbank riep lijkt erop te duiden dat we hier te maken hebben met een terrorist die handelde vanuit extreemrechtse politieke motieven. De Nederlandse Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid en de AIVD hanteren de volgende definitie voor terrorisme:

"Terrorisme is het uit ideologische motieven dreigen met, voorbereiden of plegen van op mensen gericht ernstig geweld, dan wel daden gericht op het aanrichten van maatschappij-ontwrichtende zaakschade, met als doel maatschappelijke veranderingen te bewerkstelligen, de bevolking ernstige vrees aan te jagen of politieke besluitvorming te beïnvloeden"

Waarom Omar Mateen wel, en Mair niet?

Hierbij zijn drie elementen cruciaal: het motief, het middel, en het doel. Wanneer het motief ideologisch is, het middel geweld, en het doel politieke besluitvorming of maatschappelijke verandering bewerkstelligen dan is er sprake van terrorisme. Alles wijst erop dat Mair vanuit een ideologische overtuiging handelde, waarbij hij geweld gebruikte om een prominente politica vermoordde in een voor Groot-Brittannië cruciale tijd. Het is buitengewoon waarschijnlijk dat hij doelbewust een labour-politica die campagne voerde vóór een Brits EU-lidmaatschap uitkoos, en zijn aanslag bewust timede. De aanslag op Cox kwalificeert op basis hiervan overduidelijk als een daad van terrorisme, wat van Mair een extreem-rechtse terrorist maakt, iets wat ook bevestigd wordt door de denktank Quilliam Foundation, die radicalisering en terrorisme in Groot-Brittannië bestrijdt.

Desondanks werd die kwalificatie Mair niet direct toebedeeld. En nog steeds wordt in veel media en in de politiek geaarzeld om hem als terrorist te bestempelen. Dit staat in schril contrast met de wijze waarop Omar Mateen, de man die de aanslag pleegde op de homobar in het Amerikaanse Orlando, wel direct, terecht, als terrorist werd bestempeld. Waarom Mateen wel en Mair niet? Is het omdat Mateen een andere etnische, culturele en religieuze achtergrond heeft, zoals sommigen suggereren, dat we hem makkelijker tot terrorist bestempelen? Herkennen we terrorisme alleen als het een radicaal-islamitisch kenmerk heeft, maar niet wanneer het extreemrechtse kenmerken vertoont? Zijn we wel zelfkritisch genoeg wanneer het gaat om terorisme vanuit de 'eigen' gelederen, in tegenstelling tot terrorisme begaan door 'de Ander'?

Delen

'Zijn we wel zelfkritisch genoeg wanneer het gaat om terorisme vanuit de 'eigen' gelederen, in tegenstelling tot terrorisme begaan door 'de Ander'?'

Los van de antwoorden op deze vragen is het van cruciaal belang dat we er niet in falen om extreemrechts terrorisme te benoemen, daar waar we eveneens radicaal-islamistisch terrorisme benoemen. De Quilliam Foundation legt in haar persbericht n.a.v. de aanslag op Cox uit waarom. Er bestaat volgens Quilliam een negatieve symbiose -een verbondenheid die duurzaam en wederzijds winstgevend is voor twee partijen- tussen radicaal islamistisch en extreemrechts terorrisme. Beiden kennen dezelfde triggerfactoren en karakteristieken en versterken elkaar. Wanneer we erin falen om een van beiden te benoemen maken we het dus onszelf moeilijker om beiden te bestrijden.

Dubbele standaarden

Voor de bestrijding van het radicaal-islamistisch terrorisme is dus het erkennen en bestrijden van extreemrechts terrorisme noodzakelijk. Het een kan hier niet zonder het ander. Daarnaast nemen we -wanneer we het extreemrechtse terroristische beestje bij haar naam noemen- een gevoel van het hanteren van dubbele standaarden weg bij velen die zien dat wanneer terrorist handelt vanuit radicaal-islamistische motieven wel het stempel 'terrorisme' wordt gebruikt, maar wanneer iemand handelt vanuit extreemrechtse motieven niet. Van een dergelijk gevoel kan een vervreemdende werking uitgaan voor delen van de bevolking, in tijd waarin het cruciaal is dat we als burgers gezamenlijk ons inzetten voor het bestrijden van het terrorisme. Van álle vormen van terrorisme.

We moeten daarom de aanslag op Jo Cox door Thomas Mair de kwalificatie geven die zij verdient: die van een extreemrechtse terroristische aanslag. Net als de radicale islamisten zijn ook elementen op extreemrechts bereid geweld te gebruiken vanuit ideologische motieven om angst te zaaien of politieke of maatschappelijke verandering te bewerkstelligen. En net als radicaal-islamistisch terrorisme moeten we dit extreemrechtse terrorisme in onze samenleving keihard bestrijden.

Onze partners