Gevangenisartsen staan terecht voor dood van gedetineerde

14/03/13 om 20:31 - Bijgewerkt om 20:31

(Belga) Het openbaar ministerie heeft de opschorting gevorderd voor twee artsen die verbonden waren aan de gevangenis in de Antwerpse Begijnenstraat. Ze zouden te kort zijn geschoten bij de behandeling van een Nepalese gedetineerde die vier jaar geleden in zijn cel overleed. De artsen ontkennen dat met klem en vragen de vrijspraak. De zaak is donderdag behandeld voor de correctionele rechtbank van Antwerpen.

Slachtoffer Rajindra T. werd op 28 februari 2009 dood in zijn cel aangetroffen. Hij had de dagen voordien psychotisch gedrag vertoond en had daarvoor medicatie gekregen in het ziekenhuis. De man bleef echter onrustig en kreeg vervolgens van één van de beklaagden ook valium toegediend. Omwille van logistieke en praktische problemen, werd hij niet voor langere tijd gehospitaliseerd. Volgens de wetsdokter stierf hij aan de gevolgen van een 'geëxciteerd delirium' na een psychose. Hij vindt dat de beklaagden ernstig te kort schoten, omdat ze de Nepalees niet hadden laten opnemen. Ze zouden volgens hem ook aan 'telefoongeneeskunde' gedaan hebben. De twee artsen ontkennen dat. De man was op drie dagen tijd zeven keer onderzocht, ook in het ziekenhuis. Er was inderdaad telefonisch overleg gepleegd, maar niet uitsluitend. De artsen menen dat hen geen onzorgvuldig handelen verweten kan worden en gaan voor de vrijspraak. Vonnis op 11 april. (JDH)

Onze partners