Fonds voor Beroepsziekten doet jaar over beslissing voor schadeloosstelling

01/10/12 om 10:54 - Bijgewerkt om 10:54

(Belga) Het Fonds voor de Beroepsziekten (FBZ) heeft bijna een jaar tijd nodig om een beslissing te nemen bij een eerste aanvraag tot schadeloosstelling. Nochtans schrijft het handvest van de sociaal verzekerde een maximumtermijn van 120 dagen voor. Dat stelt het Rekenhof in een verslag aan het federaal parlement.

Die termijn kan in bepaalde gevallen worden geschorst maar het handvest stelt ook een betalingstermijn van vier maanden voorop. De FBZ heeft de beslissingstermijnen voor de vergoedingen geleidelijk opgetrokken in de opeenvolgende bestuursovereenkomsten van 120 dagen (2003-2005) naar 180 (2006-2009) tot 210 (2010-2012). Maar volgens de gegevens van het FBZ werden de door de opeenvolgende bestuursovereenkomsten vastgelegde doelstellingen in heel wat gevallen niet gehaald, stelt het Rekenhof. Op 2 februari 2012 waren er 727 eerste aanvragen voor een vergoeding die sinds meer dan een jaar op een beslissing wachtten, wat hoger is dan de doelstelling van de derde bestuursovereenkomst (550 eind 2011). De termijn van één jaar werd eveneens overschreden bij 156 aanvragen tot herziening op initiatief van de aanvrager. Bovendien hadden 100 andere dossiers die al meer dan een jaar hangende waren, de status "definitief onvolledig" gekregen vanuit administratief of medisch oogpunt. In die gevallen moet het FBZ nochtans zo snel mogelijk een beslissing nemen, aldus het Rekenhof. Het hof beveelt aan om in de bestuursovereenkomst 2013-2015 van het FBZ de beslissingstermijn van het handvest op te nemen. In de huidige omstandigheden zouden aan de doelstelling van 120 dagen zoals bepaald in het handvest andere, langere termijnen kunnen worden gekoppeld die deze periode elk jaar steeds dichter benaderen, luidt het. (ANA)

Onze partners