Drugsbende vrijgesproken door procedurefout

05/12/14 om 11:46 - Bijgewerkt om 11:46

In Antwerpen is een 46-koppige drugsbende door de rechter vrijgesproken na een procedurefout. Het parket kan wel nog in beroep gaan.

Drugsbende vrijgesproken door procedurefout

De correctionele rechtbank van Antwerpen heeft een 46-koppige drugsbende met een duizendtal klanten vrijdag vrijgesproken op basis van een procedurefout. Een aantal telefoontapbeschikkingen zijn volgens de rechtbank ongeldig, waardoor het bewijs dat er uit voortvloeit nietig is. De vrijspraak werd op luid gejuich onthaald door de beklaagden.

De bende had volgens het openbaar ministerie tussen augustus 2007 en maart 2010 op grote schaal heroïne en cocaïne verkocht in de Scheldestad. De beklaagden opereerden vanuit Borgerhout en velen zijn ook familie van elkaar.

Ongeldige telefoontaps

In augustus 2009 startte een onderzoek, nadat de politie informatie ontving over een dienster die drugs dealde. De vrouw werd in de gaten gehouden en zo kwamen ook de broers B. in beeld, die volgens de procureur de spilfiguren van de bende waren. De onderzoeksrechter gaf toestemming om observaties en telefoontaps uit te voeren.

De rechtbank oordeelde vrijdag dat een aantal van die tapbeschikkingen ongeldig waren. "De onderzoeksrechter had in de beschikkingen een standaard motivering gezet om de telefoontaps te rechtvaardigen. Vandaag de dag worden zo'n standaardmotiveringen niet meer aanvaard, maar het gaat hier om een oud dossier", zegt meester Tim Smet, advocaat van één van de beklaagden.

Verdachte wist van de inval

Die ongeldige tapbeschikkingen waren bovendien zo verweven met de tapbeschikkingen die wél geldig waren, dat de rechtbank niet meer kon uitmaken welke bewijzen waaruit voortvloeiden. Alle beklaagden gaan bijgevolg vrijuit.

De bewijzen spraken nochtans voor zich: op 3 maart 2010 hadden 350 agenten 38 simultane huiszoekingen uitgevoerd en op verschillende adressen werden drugs en cash geld in beslag genomen. Eén van de broers pochte dat hij wist van de nakende inval en dat hij een grote geldsom had laten verdwijnen. Bij een familielid werd echter een zak met daarin 53.390 euro cash aangetroffen, die hij een dag eerder van de broers in bewaring had gekregen.

De procureur had celstraffen tot 54 maanden gevorderd. Hij had bij zijn vordering rekening gehouden met het feit dat het te lang geduurd had om de zaak voor de rechtbank te brengen en had daarom minder zware straffen geëist. Het parket kan nog tegen het vonnis in beroep gaan. (Belga/JH)

Lees meer over:

Onze partners