Drie procent mannelijke begeleiders in Vlaamse kinderopvang

07/02/12 om 15:58 - Bijgewerkt om 15:58

(Belga) Ongeveer drie procent van de begeleiders in de Vlaamse kinderopvang is een man. Dat blijkt uit cijfers van Kind en Gezin en VBJK, een expertisecentrum voor opvoeding en kinderopvang.

Volgens Kind en Gezin was op 1 januari vorig jaar 2,9 procent van de begeleiders in de kinderopvang mannelijk. Het grootste percentage mannen (4,7 procent) werkt in de buitenschoolse opvang. VBJK hanteert licht afwijkende cijfers en komt uit op 3,4 procent mannen in de kinderopvang. "Het aandeel van mannen is op zich erg laag, maar dat hangt ook samen met het jobprofiel. In zorgberoepen zijn over het algemeen vooral vrouwen aan het werk", zegt Leen Du Bois, woordvoerder van Kind en Gezin. Ook VBJK benadrukt dat het cijfer zeer laag ligt, maar zegt wel dat dit geen typisch Vlaams fenomeen is. "In de meeste landen bedraagt het aandeel van mannen in de kinderopvangsector zelfs maar 1 of 2 procent. Substantieel hogere cijfers vind je enkel in Noorwegen", zegt Jan Peeters, algemeen directeur van VBJK. Bovendien is Vlaanderen aan een inhaaloperatie bezig, luidt het nog. "In 2002 was amper 0,9 procent van de werknemers in de kinderopvang een man. Er is daarna een campagne opgestart en sindsdien is het mannelijke aandeel duidelijk groter geworden. En dat in een sterk groeiende sector." "Toch is het nog altijd te veel een vrouwenwereld", besluit Peeters. "Veel kinderen worden overwegend door vrouwen opgevoed. Nochtans is een mix meer aangewezen, bijvoorbeeld omdat mannelijke begeleiders het soms ruwere gedrag van jongens minder snel gaan problematiseren." (KME)

Onze partners