'De uittocht van Syriëstrijders is nog lang niet voorbij' (Imam)

06/08/13 om 13:37 - Bijgewerkt om 13:37

Aan de vooravond van het Suikerfeest sprak Knack met de Gentse imam en onderzoeker Brahim Laytouss over Syriëstrijders, moslimextremisme en de geneugten van de ramadan.

'De uittocht van Syriëstrijders is nog lang niet voorbij' (Imam)

© Franky Verdickt

Vorige week is opnieuw een zestienjarige moslima naar Syrië vertrokken. Kwam dat als een verrassing voor u?

Laytouss: De uittocht is nog lang niet voorbij. Ik vrees dat het van kwaad naar erger zal gaan. Zolang er geen structurele oplossingen komen die het extremisme aanpakken, zullen we blijven sukkelen. De situatie in Syrië zorgt voor migratieverschuivingen en extra politieke vluchtelingen. We zijn daar in Vlaanderen gewoon niet op voorbereid. Met alle respect voor de ministeries die bezig zijn met reglementeringen, maar ze komen veel te laat. We moeten waakzaam blijven over zulke fenomenen.

Hoe kan het dat bepaalde jongeren, die tot voor kort geen interesse voor religie toonden, in zo'n korte tijd radicaliseren?

Laytouss: De gemeenschappelijke noemer van al die Syriëstrijders is dat ze zich uitgesloten voelen. Ik denk dat jonge moslims op zoek zijn naar een identiteit. Zowel jongens als meisjes stellen zich de vraag of ze nu Vlaming, Belg, Marokkaan of moslim zijn. Ze komen in een soort identiteitscrisis, en dat maakt hen kwetsbaar. In islamitische landen speelt dat probleem minder, omdat daar meer faciliteiten bestaan die jongeren helpen op het goede pad te blijven. Hier in België zijn zulke jongeren een vogel voor de kat. Op internet vinden ze een waslijst aan extremistische websites. Op die manier maken ze een constructie van een identiteit, die volstrekt kunstmatig is. Ze verzinnen hun eigen verhaal, en dat houdt grote gevaren in. Ze plaatsen zichzelf buiten de samenleving, en gaan daardoor gemakkelijker over tot geweld. Je merkt ook dat jongeren via internet gaan 'shoppen' tussen de verschillende stromingen. Ze beginnen als soenniet, worden dan even sjiiet en daarna misschien weer iets anders. Dat is heel gevaarlijk.

Waarom?

Laytouss: Omdat je - zonder dat je dat zelf doorhebt - in een jihadistische stroming terecht kunt komen. Vaak evolueren jongeren al shoppend richting jihadisme, omdat er geen grens is die hen terugbrengt naar de essentie. Als je nog op zoek bent in je geloof, besef je dat vaak niet. We moeten jongeren duidelijk maken dat ze echt niet verder hoeven te gaan in hun geloof, eens ze gelukkig zijn in het leven.

Hoe wilt u jongeren van extremistische sites weghouden? Het internet is vrijwel onmogelijk te controleren.

Laytouss: Je moet hen weerbaar maken tegen extreem gedachtegoed en duidelijk maken dat er verschillende interpretaties mogelijk zijn. Je mag ook niet verhullen dat er zoiets als jihad bestaat. Alles moet bespreekbaar zijn. Je moet hen uitleggen hoe zo'n fenomeen historisch gegroeid is.

Geef je zo niet de indruk dat die extremisten best wel een punt hebben?

Laytouss: Zelfs de grootste extremisten hebben altijd wel een argument. Alleen vergissen zij zich in het belang van de regels. De basisregels van de islam mogen niet genegeerd worden. Volgens de Koran mag je niet doden, dus is elke oproep tot geweld fout.

Hoe komt het dat de meeste islamwebsites beheerd worden door radicale organisaties? De gematigde moslims zijn toch in de meerderheid?

Laytouss: Natuurlijk, dat is het 'm net. Die gematigdheid impliceert dat ze een normaal leven leiden. De doorsneeburger richt geen websites op tegen de extremistische islam, omdat dat ver van hem af staat. We beginnen ons nu pas te organiseren, omdat die verkeerde islam echt een bedreiging vormt. We zijn als moslimgemeenschap te lang onverschillig gebleven tegenover lange baarden of extremistische klederdracht. Daar zijn we nu van teruggekomen.

Ook het beleid heeft gefaald. Hoe vaak zijn er niet onderzoekscentra uit de grond gestampt die daarna stilletjes zijn doodgebloed? Het lijkt wel alsof de overheid er niet in gelooft dat je de situatie van de moslims kunt veranderen. Er is momenteel geen enkel toekomstperspectief waarin we zeggen: zó moet België er in 2025 uitzien. Daarvoor hebben we onderzoekscentra en faculteiten nodig, en een duidelijke strategie. We anticiperen niet, we werken altijd reactionair.

Het volledige interview met Brahim Laytouss leest u deze week in Knack.

Onze partners