De pijnlijke naweeën van het Dexia-vonnis

23/04/13 om 07:26 - Bijgewerkt om 07:26

Een opmerkelijke uitspraak van een Franse rechtbank heeft grotere gevolgen dan oorspronkelijk gedacht en zet niet enkel Parijs in rep en roer.

De pijnlijke naweeën van het Dexia-vonnis

© Belga

In februari velde de arrondissementsrechtbank van Nanterre een vonnis in een rechtszaak die het Franse departement Seine/Saint-Denis had aangespannen tegen Dexia. Het departement vond dat het niet goed geïnformeerd was geweest over de risico's verbonden aan de gestructureerde kredieten die Dexia haar had verkocht, maar kreeg geen gehoor van de rechtbank. Alle aanspraken op schadevergoeding werden afgewezen.

Op één punt kreeg de lokale overheid wel gelijk, en dat blijkt nu verregaander gevolgen te hebben dan oorspronkelijk gedacht. Op basis van een wettelijke interpretatie wordt gesteld dat elke leningsovereenkomst in Frankrijk een Effectieve Globale Rentevoet (EGR) moet vermelden, zodat de ontlener de totale kost van zijn lening kent. De rechtbank was echter van mening dat de faxen die aan de ondertekening van de definitieve leningsovereenkomsten vooraf gingen, ook konden beschouwd worden als 'een leningsovereenkomst'. Bij gebrek aan vermelding van de EGR in deze faxen diende Dexia niet de EGR maar de wettelijke rentevoet toe te passen, oordeelde de rechter, en dit gedurende de volledige looptijd van het contract.

Als dit vonnis jurisprudentie zou worden, gaat de doos van Pandora open voor de hele Franse banksector. De wettelijke rentevoet in Frankrijk (die volgens een complexe formule berekend wordt) ligt momenteel fors lager dan de rentetarieven van gestructureerde kredieten (die gekoppeld zijn aan bepaalde indexen of muntevoluties). Bovendien blijken veel Franse banken, en dus niet alleen Dexia, te werken met bevestigingsfaxen waarop de effectieve globale rentevoet niet vermeld wordt.

De voorbije weken was er in Frankrijk op hoog niveau overleg met de banken. Volgens de krant Le Figaro daagde het bij de overheid dat de banken hun rentevoeten zouden moeten verlagen en dat dat gepaard zou gaan met grote kredietverliezen. Het mogelijk verlies werd na afloop van het overleg geschat op maximaal 20 miljard euro, aldus nog altijd Le Figaro, die zich baseert op bronnen binnen het ministerie van financiën.

Volgens diezelfde bronnen zou de Franse staat, via haar belangen van 75 procent in de Société de Financement Local (SFIL) en van 44,4 procent in Dexia, opdraaien voor 10 van die 20 miljard euro. Dexia stond tussen 2000 en 2008 in voor een groot deel van de gestructureerde kredieten die gesleten werden aan lokale overheden (gemeenten, intercommunales, ziekenhuizen, departementen,...). En SFIL is de holding boven het voormalige Dexia Municipal Agency, dat begin dit jaar voor een symbolische euro werd overgenomen door de Franse staat, CDC en de Banque Postale met het doel de lokale sector in Frankrijk door te financieren.

De vraag is in welke mate Dexia zelf geaffecteerd wordt door deze zaak. Dexia rondde de verkoop van SFIL, inclusief dochter DMA, op 31 januari 2013 af. Die verkoop voorzag in de overdracht van een balanstotaal van 90 miljard euro, waaronder 9,4 miljard 'sensitieve' gestructureerde kredieten aan de publieke sector. Bij DCL, het Franse filiaal van Dexia, blijven voor 2,3 miljard euro aan dergelijke kredieten achter. Dat betekent dat de verliezen als gevolg van het vonnis het grootste zouden zijn voor SFIL. Maar ook Dexia loopt, via DCL, nog een deel van het risico. De rekening voor de Belgische staat, die 50,02 procent van de aandelen van Dexia controleert, zou in een maximalistisch scenario kunnen oplopen tot een miljard euro.

Maar of het ooit zo ver komt? Dexia ging alvast tegen de beslissing van de rechtbank van Nanterre in beroep, en SFIL sloot zich daar vrijwillig bij aan. De drie specifieke leningen waarop het vonnis betrekking had, zijn intussen immers verhuisd naar SFIL. Een beslissing in beroep wordt pas in de tweede helft van 2014 verwacht. Intussen wordt in Franse regeringskringen gedacht aan een verklarende wet die een mouw kan passen aan het probleem. De openbare besturen dringen er bij de Franse staat op aan een globale oplossing met de banken uit te werken.

Door in beroep te gaan, bewijst Dexia overigens de hele Franse banksector een dienst. De banken hopen dat een hogere rechtbank tot een ander besluit komt, zo niet dreigt alle niet-contractuele briefwisseling tegen de sector gebruikt te worden om lagere rentetarieven af te dwingen. Als dit ook nog eens van toepassing zou worden op alle mogelijke kredieten, inclusief die aan particulieren, kan de factuur voor de Franse banken zelfs hoger oplopen dan 20 miljard euro.

Johan Van Overtveldt / Patrick Claerhout

Lees meer over:

Onze partners