"De Franstaligen zijn niet moedig" (Karel Vinck)

03/05/11 om 16:11 - Bijgewerkt om 16:11

Karel Vinck is ontgoocheld over het gebrek aan visie van de Franstalige partijen over de toekomst van het land.

"De Franstaligen zijn niet moedig" (Karel Vinck)

© Franky Verdickt

Karel Vinck, ex-topman van Bekaert, Umicore en de NMBS, was een van de Vlaamse captains of industry die onlangs luisterde naar de vier Franstalige partijvoorzitters in de businessclub De Warande in Brussel. Hij hield aan de ontmoeting een kater over.

Karel Vinck: De Franstalige politici hebben me enorm ontgoocheld. Ze willen het behoud van het consumptiefederalisme en ze willen niet horen van een responsabilisering van de deelstaten. We kregen wel een lange opsomming van bevoegdheidsoverdrachten, waarbij het federale niveau steeds een vinger in de pap houdt. Zo kom je nooit tot meer homogene bevoegdheden. In de kern willen de Franstaligen vooral geld, en dat Brussel een volwaardig derde gewest wordt.

Bart De Wever en de N-VA worden intussen niet alleen aan Franstalige maar ook aan Vlaamse kant aangemaand om meer compromisbereidheid te tonen.

Vinck: Ik hoor het woord compromis niet graag. Het doet me te veel denken aan de oude onderhandelingsstijl van geven en nemen. Dat leidt niet tot doorbraken. Ik vind het goed dat De Wever niet mee stapt in een loodgieterscenario, zoals de communautaire onderhandelingen in het verleden al te vaak verlopen zijn. Hij heeft gelijk om aan een aantal principes vast te houden, want anders zullen we de structurele problemen in dit land niet oplossen. Maar ook een meer eensgezinde Vlaamse opstelling zou geen kwaad kunnen. Daarom zou ik voorstellen dat de Vlaamse partijen uit onder meer de Octopusnota een tiental fundamentele punten halen die ze beschouwen als doorbraken en waarvoor ze dan ook echt gaan.

Wat zouden die doorbraken kunnen zijn?

Vinck: Een voorbeeld is een homogenisering van de bevoegdheidsverdeling, onder meer voor het arbeidsmarktbeleid. Of ook: een efficiënter bestuur voor een beter gefinancierd Brussel waar tenslotte 200.000 Vlamingen elke dag hun boterham verdienen. En zeker een herziening van de financieringswet die alle beleidsniveaus duidelijk responsabiliseert.

De Franstaligen vrezen dat een staatshervorming Wallonië zal verarmen.

Vinck: Laten we elkaar niets wijsmaken: we zullen allemaal verarmen. Om de overheidsfinanciën te saneren en het systeem voor uitdagingen zoals de vergrijzing te handhaven, moeten op alle niveaus inspanningen geleverd worden. Om de budgettaire situatie recht te zetten is er 20 à 25 miljard euro nodig. Het is waanzin om te spreken over een staatshervorming en niet tegelijk na te denken over dat begrotingsverhaal. Een nieuwe staatshervorming moet net het kader voor een gedeelde inspanning bieden.

Geloven de Franstaligen te weinig in hun eigen toekomst?

Vinck: Ja, ik vind de Franstaligen niet moedig, terwijl ze troeven hebben waarover de Vlamingen niet meer beschikken. Hun bevolking is bijvoorbeeld jonger. Ze beschikken ook over meer ruimte om te ondernemen. Op de as tussen Luxemburg en Louvain-la-Neuve hebben ze krachtige bedrijven aangetrokken. En toch durven ze niet voor verandering te kiezen.

(EWP/PAM)

Onze partners