"De almacht van artsen en ziekenfondsen is achterhaald"

12/04/11 om 16:33 - Bijgewerkt om 16:33

'De ziekteverzekering is de vertaling van een gezondheidsbeleid dat er niet is. Het gaat over tarieven en niet over objectieven.' Dat zegt emeritus hoogleraar medische sociologie Yvo Nuyens in Knack.

"De almacht van artsen en ziekenfondsen is achterhaald"

© Dimitri Van Zeebroeck

In de nationale Gezondheidsenquête 2008 zegt 95 procent van de bevolking matig tot zeer tevreden te zijn over de medische zorgen. Wat is het probleem dan?

Yvo Nuyens: Waarop is al die tevredenheid gebaseerd? De omvang van het aanbod? De eigen beleving van de patiënt? Over de kwaliteit van onze gezondheidszorg is in elk geval weinig bekend. In een studie van het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg (FKG) en het Rijksinstituut voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering (Riziv) vorig jaar luidde de conclusie dat de minimale gegevens ontbreken om ter zake uitspraken te doen.

Artsen zijn niet tevreden over het gezondheidszorgbeleid. Samen met de ziekenfondsen bepalen hun belangenorganisaties, de artsensyndicaten, nochtans al bijna een halve eeuw dat beleid.

Nuyens: Normaal gezien zou het Riziv de uitvoerder moeten zijn van een beleid met duidelijke doelstellingen. Maar in ons land gebeurt het omgekeerde. De gezondheidszorg krijgt gestalte vanuit het Riziv. Via de pax medica, die de beruchte artsenstaking van 1964 bezegelde, hebben ziekenfondsen en artsensyndicaten het zilveren stuurwiel van ons gezondheidsbeleid stevig in handen.

In de Nationale Commissie Geneesheren-Ziekenfondsen sluiten die twee partijen tariefakkoorden. Volgens de ziekenfondsen weten patiënten zo wat een arts mag vragen en hoeveel ze zelf moeten bijdragen.

Nuyens: Voor een deel is dat larie. Dit jaar hebben acht op de tien artsen zich ertoe geëngageerd de afgesproken tarieven te volgen. Bij de huisartsen ligt dat aantal iets hoger, bij de specialisten iets lager. Maar er zijn grote verschillen tussen de specialismen en tussen streken. Artsen kunnen ook slechts deels geconventioneerd zijn of voor private raadplegingen hogere tarieven aanrekenen. Dat relativeert de veel geroemde tariefzekerheid sterk.

Het budget van de ziekteverzekering - ongeveer 25 miljard euro in 2011 - mag elk jaar met 4,5 procent toenemen. Te veel? Te weinig?

Nuyens: Ik begrijp dat er stilaan een consensus is om die groeinorm voor de uitgaven in de gezondheidszorg te verlagen. Maar ten koste van wie of wat zal dat gebeuren? Er zijn hoe dan ook grenzen aan de groei van de medische uitgaven. Vandaar mijn vraag naar een meer doelmatige en billijke aanwending van de middelen. Tegelijk is het achterhaald dat bij het Riziv slechts twee partijen de lakens uitdelen. Ook bijvoorbeeld de farmaceutische sector, de ziekenhuizen en autonome patiëntenorganisaties moeten als evenwaardige partners aan tafel komen. Dan kan iedereen geconfronteerd worden met zijn eigen verantwoordelijkheid. (PAM)

Lees meer over:

Onze partners