Criminologen weigeren medewerking aan onderzoekscommissie Terreur

03/05/16 om 13:27 - Bijgewerkt om 20:30

Criminologen Cyrille Fijnaut en Brice De Ruyver weigeren hun aanstelling als expert in de onderzoekscommissie Terreur, die de aanslagen in ons land onderzoekt.

Criminologen weigeren medewerking aan onderzoekscommissie Terreur

© Belga

Criminologen Brice De Ruyver en Cyrille Fijnaut weigeren de onderzoekscommissie naar de aanslagen in Brussel bij te staan als experten. Dat hebben ze aan Kamervoorzitter Siegfried Bracke en commissievoorzitter Patrick Dewael laten weten. Woensdag zullen meerderheid en oppositie de kwestie in het Bureau van de Kamer bespreken.

De nakende aanstelling van De Ruyver en Fijnaut deed vorige week de wenkbrauwen fronsen bij enkele parlementsleden. De Ruyver was destijds immers veiligheidsadviseur van voormalig premier Guy Verhofstadt (Open Vld) en tekende mee de politiehervorming uit, terwijl Fijnaut deze regering hielp met haar kadernota Integrale Veiligheid.

Consensus bleek dan ook niet mogelijk, toen de kwestie vorige week een eerste keer formeel aan bod kwam. De PS stemde tegen de aanstelling van de experts, de rest van de oppositie onthield zich.

Maar die plooien leken intussen gladgestreken. Dewael had immers elk van de experts afzonderlijk gehoord en daarover feedback gegeven aan de commissieleden, waarna ze de experts maandag zelf vragen konden stellen achter gesloten deuren. Naar verluidt waren daar wel kritische vragen bij, maar kwam het niet tot een echte clash. "Vorige week, toen ze er niet bij waren, was het veel forser", oordeelt een commissielid.

Vooral de PS toonde zich maandag opnieuw kritisch, terwijl de rest van de oppositie naar verluidt minder fors opmerkingen maakte. Ook meerderheidspartij CD&V maakte volgens verschillende aanwezigen een "positief kritische bemerking", maar fractieleider Servais Verherstraeten nam het wel expliciet op voor de experten. "Een expert kan niet geslachtsloos, opinieloos of zonder historiek zijn", drukte hij zijn collega's op het hart. "Experts hebben per definitie een uitgesproken parcours en uitgesproken ideeën, anders zijn het geen experts."

De commissiezitting schoot in elk geval in het verkeerde keelgat bij de Nederlandse criminoloog Fijnaut. "Met name de zéér ondermaatse gang van zaken in de vergadering met de Commissie gisteren heeft mij niet het nodige vertrouwen gegeven dat ik in voldoende sereniteit en op het gewenste hoge niveau mijn expertise op het vlak van terrorisme en terrorismebestrijding kan inzetten voor een behoorlijke uitvoering van de zeer belangrijke taak waarvoor deze Commissie staat", schreef hij in een mail aan Bracke en Dewael.

Fijnaut voelde zich bovendien onvoldoende gedekt door commissievoorzitter Dewael, schrijft hij nog. "De oppositie stelde voortdurend onze integriteit ter discussie. Het is onaanvaardbaar dat zoiets gebeurt. De voorzitter heeft dat laten gebeuren. Dat betekent dat wanneer het écht moeilijk wordt in zo'n commissie dat je niet het gevoel hebt dat je als expert voldoende rugdekking krijgt van je voorzitter."

Dewael zelf bevestigt slechts kort de afwijzing van beide experts. Woensdag zal het Bureau - waarin meerderheid en oppositie vertegenwoordigd zijn - de kwestie bekijken en op zoek gaan naar vervanging. Paul Martens en Simon Petermann, de twee andere experts, blijven vooralsnog wel aan. De geplande hoorzittingen volgende week gaan ook gewoon door.

Bekijk meer video's van vtmnieuws op nieuws.vtm.be

Verschillende commissieleden - van meerderheid én oppositie - reageren intussen erg verrast op het plotse njet van Fijnaut en De Ruyver. "De heren professoren zouden toch moeten weten dat in zo een zitting alle vragen gesteld moeten kunnen worden", klinkt het. "Ik betreur dat ze zich een probleem hebben laten aanpraten dat ze niet hebben, zoals duidelijk blijkt uit hun staat van dienst", vult men elders aan. "Al begrijp ik ook dat experts maar kunnen werken als ze het gevoel hebben dat ze gedragen worden door de hele commissie."

Dat de Nederlander Fijnaut geschrokken zou zijn van de Belgische politieke zeden en gewoonten, vinden de meeste commissieleden moeilijk te geloven. Hij stond immers al eerder Belgische onderzoekscommissies bij, zoals die naar de Bende van Nijvel. Al had PS-fractieleider Laurette Onkelinx gerust wat minder fors kunnen zijn, merkt een betrokkene nog op.

En het gebrek aan steun van Dewael? "Als een voorzitter op zo'n moment oppositieleden met kritische vragen zou muilkorven, dat zou pas een schande zijn", oordeelt een betrokkene. Ook elders wordt de rol van Dewael niet in vraag gesteld. (Belga/JH)

In Terzake legde De Ruyver uit waarom hij uit de commissie is gestapt.

(JH)

Onze partners