"Binnenhuisgebruik van insecticiden niet altijd risicoloos", aldus Hoge Gezondheidsraad

18/01/16 om 13:39 - Bijgewerkt om 13:39

Bron: Belga

(Belga) Het binnenhuisgebruik van bestrijdingsmiddelen is, ondanks de strenge reglementering, niet altijd risicoloos en hun gebruik moet met de nodige behoedzaamheid gebeuren. De Hoge Gezondheidsraad (HGR) raadt bijgevolg het gebruik van alternatieve methoden aan: preventieve maatregelen zoals muggengaas, fysische bestrijdingswijzen zoals UV-licht, en het gebruik van vallen, lokstoffen en afweerproducten, hoewel deze alternatieven vaak minder efficiënt zijn en verder wetenschappelijk onderzoek vergen. Dat staat in een maandag gepubliceerd advies van de HGR.

"Binnenhuisgebruik van insecticiden niet altijd risicoloos", aldus Hoge Gezondheidsraad

"Binnenhuisgebruik van insecticiden niet altijd risicoloos", aldus Hoge Gezondheidsraad © BELGA

In 2013 werden ongeveer 75 ton aan werkzame stoffen gebruikt voor insectenbestrijding binnenshuis. Ze werden verwerkt tot ongeveer 800 ton verkochte producten, toegepast onder zeer diverse vormen: aerosols, spuitbussen, verdampers, strips, cassettes, lokazen, vlooienbanden, enzovoort. De niet-professionele gebruiker heeft volgens de Hoge Gezonheidsraad doorgaans weinig kennis van de risico's van deze producten en is, in tegenstelling tot de professionele toepasser, weinig of niet beschermd tijdens de toepassing. Zijn voornaamste informatiebron is het etiket op de verpakking. "Zowel de toepasser (van het middel, nvdr) als de bewoner na de toepassing lopen een potentieel risico. Dit kan zowel dermaal (via huidcontact), oraal (via mond) als inhalatoir (via ademhaling) zijn. De mate van blootstelling hangt af van diverse factoren zoals de frequentie van gebruik, de zorg bij de toepassing (zoals beschermende kledij), de dosering en het type van formulering (aerosol, verdamper, enz.)." Meestal blijft de blootstelling ver beneden de veilige grenzen. Dat op lange termijn ernstige schadelijke gezondheidseffecten, zoals endocriene verstoring, optreden te wijten aan lage dosis effecten en/of synergistische interacties tussen verschillende agentia kan echter niet met zekerheid uitgesloten worden, staat in het advies. "Gegevens van het Antigifcentrum geven een indicatie dat er in België slechts zelden grote problemen gemeld zijn en dat voor de meeste meldingen de symptomen mineur of afwezig waren. Uit simulaties blijkt dat er bij extreem gebruik van deze producten wel degelijk een risico bestaat. Tevens blijkt dat dit risico zich niet alleen beperkt tot de gebruiker zelf maar dat in sommige gevallen na de toepassing ook de bewoner in belangrijke mate kan blootgesteld worden. Ook kinderen kunnen een grotere secundaire blootstelling vertonen wegens bepaalde gedragsaspecten zoals spelen op behandelde oppervlakken." (Belga)

Onze partners