Belgen nemen de auto voor helft van alle verplaatsingen

20/09/12 om 15:14 - Bijgewerkt om 15:14

(Belga) Belgen verkiezen de wagen als hoofdvervoerswijze voor ongeveer de helft van alle verplaatsingen. Voor meer dan één op de zes verplaatsingen gaan we te voet. De meest voorkomende motieven zijn de "terugkeer naar huis", "gaan werken" en "inkopen doen".

Dat blijkt uit een nationale enquête over de dagelijkse mobiliteit van de Belgen (BELDAM), van het Federaal Wetenschapsbeleid en de federale overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer. Wanneer de verplaatsingen per wagen als passagier bij de verplaatsingen als bestuurder geteld worden, blijkt dat de Belgen 65 procent van alle verplaatsingen per auto afleggen. Het gaat daarbij om de hoofdvervoerswijze: het transportmiddel waarmee de grootste afstand tijdens een verplaatsing afgelegd wordt. De gemiddelde afgelegde afstand per verplaatsing bedraagt 12,3 kilometer. In Vlaanderen is de fiets bij meer verplaatsingen de hoofdvervoerswijze, maar dat heeft geen invloed op het aandeel van de wagen. De fiets is eerder "concurrent" van de verplaatsingen te voet of met het openbaar vervoer. In Wallonië is het aandeel van de wagen nog groter. In Brussel is de benenwagen de hoofdvervoerswijze (één op de drie verplaatsingen). Uit de enquête blijkt voorts dat bij het openbaar vervoer de trein op de eerste plaats komt. Dat komt hoofdzakelijk doordat de verplaatsingen per bus over de verschillende maatschappijen (De Lijn in Vlaanderen, MIVB in Brussel en TEC in Wallonië) verdeeld worden. De mobiliteitsenquête werd uitgevoerd tussen december 2009 en januari 2011 bij 8.532 gezinnen (15.821 personen van 6 jaar of ouder) door wetenschappers van de universiteiten van Namen, Hasselt en Saint-Louis-Brussel. (BELGA)

Onze partners