Astronomen vinden sterrenstelsel waarvan licht ons bereikt na 13,2 miljard jaar

20/09/12 om 14:51 - Bijgewerkt om 14:51

(Belga) De ruimtetelescopen Hubble en Spitzer plus gravitationele lenzen hebben astronomen toegelaten het vrijwel zeker tot nu verst verwijderde sterrenstelsel te zien, zo heeft het Amerikaanse ruimtevaartbureau NASA gemeld.

Het door de ruimtetelescopen opgevangen licht begon te schijnen toen ons 3,7 miljard jaar oud universum juist 500 miljoen jaar jong was of 3,5 procent van zijn huidige leeftijd had. Anders gezegd: het deed er ongeveer 13,2 miljard jaar over om ons te bereiken. Het sterrenstelsel was minder dan 200 miljoen jaar oud toen het is gespot. Het dateert van de tijd toen de kosmos in transitie was van de "donkere tijden" - toen er niets scheen en er enkel toen gevormde waterstofatomen bestonden - naar een universum vol sterrenstelsels. De nieuwe vondst opent daarom een venster naar de verste en oudste tijden van de kosmische geschiedenis, zegt de NASA. Het stelsel is ontdekt in vijf onderscheiden golflengten, in tegenstelling tot mogelijke andere sterrenstelsels in dezelfde leeftijdscategorie. Zij lieten zich slechts in één enkele golflengte zien. Nu gaat het om vier keer zichtbaar én één keer infrarood licht, wat volgens de NASA de vondst meer fundament geeft. Dergelijk ver verwijderd fraais is in principe niet rechtstreeks waar te nemen met onze huidige generatie telescopen. De astronomen profiteerden van het door Albert Einstein voorspelde effect van de gravitatielens: een enorme cluster van sterrenstelsels tussen het sterrenstelsel en ons in maakte het licht van het oudste sterrenstelsel zowat 15 keer meer helder. (KAV)

Onze partners