Adviesbureau berekent kostenplaatje van Arabische Lente

14/10/11 om 13:26 - Bijgewerkt om 13:26

(Belga) De zogenaamde Arabische Lente, de verzamelnaam voor een reeks volks- en andere opstanden dit jaar in Noord-Afrika en het Midden-Oosten, heeft de regio meer dan vijftig miljard dollar gekost. Die berekening maakt het adviesbureau Geopolicity in een nieuw rapport waarover de BBC bericht. Voor de olieproducerende landen uit de regio die het volksprotest hebben kunnen vermijden of het hebben onderdrukt, was de Lente dan weer winstgevend.

De landen die -op zijn minst op de korte termijn- de hoogste financiële prijs voor het protest hebben moeten ophoesten, zijn Egypte, Syrië en Libië. Ook in Bahrein en Jemen betekende de Lente een klap voor de economie. Het oordeel over Libië hangt, schrijft Geopolicity elders, eigenlijk nog in de balans - er moet gewacht worden tot wanneer de burgeroorlog is beëindigd en afgewacht of de disparaat samengestelde Overgangsraad enige vorm van eenheid kan etaleren. Met name voor de olieproducerende absolute monarchieën in de Golfregio, genre Saoedi-Arabië, Koeweit en de Verenigde Arabische Emiraten (VAE) bleek het uitblijven en, vooral, onderdrukken van democratieprotest dan weer een uiterst winstgevende zaak. Het adviesbureau stelde zijn cijfermateriaal samen op basis van gegevens van het IMF, maar geeft toe dat exacte cijfers geven wegens het ontbreken van "vele economische indicatoren" niet echt precisiewerk is. Eveneens niet in de studie opgenomen zijn de menselijke kost, schade aan de infrastructuur en het zakenleven en de daling van directe buitenlandse investeringen. Worden die in rekening gebracht, is vooral Libië (met naar schatting 50.000 burgerdoden en zes maanden van Navo-bombardementen) de grote verliezer. (OSN)

Onze partners